Blog Image

Maandans

It's a marvelous night for a moondance!

Meningen over actuele gebeurtenissen. Of oude teksten "revisited". Startend vanuit een persoonlijke nood om gehoord/gelezen te worden. Een beetje pretentieus, misschien, in de hoop zo een discussie aan te zwengelen. Of toch op zijn minst tot nadenken te stemmen. Leuk tijdverdrijf mag ook, natuurlijk. O ja, de naam "Maandans" is de letterlijke vertaling van "Moondance", een management-boekingkantoor voor jonge Belgische rockbands dat ik eind jaren tachtig had, maar vooral: een heerlijk swingend nummer van een toen nog piepjonge Van Morrison, één van mijn favoriete artiesten. Kom ook eens langs op Twitter: @FrankVanLaeken of op mijn website: www.frankvanlaeken.eu

Iran

Geschiedenis, Politiek, Samenleving Posted on za, maart 07, 2026 12:57:13

Donderdag 15 februari 1979, iets na negenen ’s morgens. Professor Kruithof stapt goedgemutst het leslokaal binnen van het aftandse schoolgebouw van het RITCS aan de Naamsestraat in Brussel, in wat voorheen de bank van Congo was geweest. Hij glimlacht. In plaats van zijn cursus Kulturologie – dan nog met een ‘progressieve’ K vooraan – open te klappen, die ik als dubbelaar van het eerste jaar voor de tweede keer moet doornemen, al is dat niet meteen tegen mijn zin, begint hij met een betoog over de machtsovername in Iran.

Vier dagen eerder heeft ayatollah Ruhollah Khomeini de scepter overgenomen van de gevluchte sjah, Reza Pahlavi. Kruithof vindt dit buitengewoon goed nieuws, dus vinden wij, argeloze studenten, dat ook goed nieuws. We zijn jong, we weten tot welke verwoestingen de Vietnamoorlog geleid heeft en we worden, net als de prof, die nog geen vijftig is op dat moment, gevoed door rabiaat anti-amerikanisme. Daarbij hoort een kritische houding tegenover de corrupte en door de Verenigde Staten gesteunde sjah. Als de sjah weg is, zal alles beter worden, luidt de teneur.

Ik heb het er later nooit nog met Jaap Kruithof over gehad, of zijn initiële juichkreten niet te voorbarig waren, als je al heel snel zag dat het nieuwe regime nóg intoleranter was en op vele vlakken, behalve dan misschien het financieel-economische, nóg corrupter dan dat van de verderfelijke sjah. Onder de sjah genoten de Iraniërs schijnvrijheid. Vrouwen liepen er kortgerokt en op hoge hakken door de straten van Teheran en andere steden, de foto’s passeren tegenwoordig weer vaak op sociale media, om op een vals-nostalgische toon te illustreren wat er allemaal kon en mocht toen. Vergeten wordt dan dat de sjah niet alleen corrupt was en aan zelfverrijking en nepotisme deed, maar ook via zijn genadeloze geheime dienst Savak politieke tegenstanders opspoorde, opsloot, martelde en, niet zelden, de dood injoeg. Onder Khomeini werd de onvrijheid totaal – vrouwen werden tweederangsburgers en moesten religieus verantwoorde kleding dragen –, waardoor de schijn werd gewekt dat hij véél erger was dan de sjah. Erger, ja, dat zeker, maar véél erger?

Ben je vrij als je mag dragen wat je wil, maar niet mag zeggen of denken wat je wil?

Khomeini en na hem Khamenei waren meedogenloze hardliners, die voor hun religieuze terreur konden rekenen op vazallen die zich in ruil voor volstrekte onderdanigheid president mochten noemen en die, als ze al eens een eigengereide koers wilden varen, zonder pardon opzij werden gezet. Iran werd een van de meest onverdraagzame landen ter wereld, er is nochtans keuze te over wat dat betreft. Er valt veel te zeggen over de achterhaalde en sowieso al door eigenbelang aangestuurde kolonialistische visie van het brede Westen – van de Verenigde Staten tot West-Europa –, maar de antiwesterse theocratie die Khomeini invoerde en Khamenei voortzette kan op geen enkele manier goedgepraat worden, dat zou professor Kruithof ook wel toegeven mocht hij nog leven, vermoed ik.

We moeten dus vooral geen traan laten om de minutieus geplande uitschakeling van Khamenei. Good riddance! Maar we moeten evenmin zijn dood toejuichen alsof het de beste oplossing voor de Iraniërs is. En, heel eerlijk, als morgen Trump of Netanyahu door een precisiebombardement wordt getroffen, zal ik evenmin een traan laten. Dat zou ook ‘Good riddance!’ zijn. Het gaat hier niet om het uitschakelen van het grootste kwaad, want de narcistische despoot Trump en de genocidaire Netanyahu zijn geen haar beter dan Khamenei (of Khomeini).

En de vraag die zich nu stelt is niet: wie wint deze oorlog? Wordt het overigens wel een full-blown oorlog, op een veel grotere schaal dan de huidige strook in het Midden-Oosten? Neen, de vraag is: wat wint de Iraanse burger hierbij? Wordt die er beter van? Het erge aan de militaire actie die precies een week geleden is begonnen, is dat die vraag niet eens gesteld wordt. Het gaat om het treffen van het Iraanse regime. What’s next? Is daar al over nagedacht? Mijn beredeneerde gok: neen.

Trump heeft zich laten meeslepen in het verhaal van Netanyahu, die na zijn slachtpartij onder de Palestijnen, nu ook erfvijand Iran wil treffen en Hezbollah uitschakelen in Libanon. Dat kan hij niet alleen, daarvoor heeft hij de steun nodig van die onvoorwaardelijke bondgenoot van over de oceaan. En Trump kan nu eventjes de aandacht afleiden van de ‘Epstein-files’, die hem in nauwe schoentjes dreigen te brengen. Herinner u dat Ronald Reagan in de oorlog tussen Iran en Irak, van 1980 tot 1988, de aandacht rond een schandaal over de verkoop van wapens aan Iran en het gebruik van de opbrengst daarvan om de (extreemrechtse) Contra’s in Nicaragua te sponsoren (‘Contragate’ of ‘Iran-Contra-affaire’, zoek het maar op) afleidde door het onooglijke Grenada binnen te vallen. Oorlog op de voorpagina’s is nog altijd beter dan een politiek schandaal waarbij je zelf het middelpunt bent.

Netanyahu weet wat hij wil: het regime in Teheran destabiliseren, Hamas en Hezbollah monddood maken, met zijn kernwapenarsenaal de regio afschrikken. Kortom, de boeman spelen. Klein land, groot wapenarsenaal. Trump weet niet wat hij wil: hij beslist elke dag iets anders. En dat is niet eens typisch Trump: het is typisch Amerikaans. De Amerikanen weten niet wat ze willen en hebben dat ook nooit geweten.

Tijdens de reeds genoemde oorlog tussen Iran en Irak steunden ze eerst Iran, naar het einde toe Irak, waardoor Saddam Hoessein zich gesterkt voelde om Koeweit in te palmen, wat dan weer een brug te ver was voor de op olie beluste Amerikanen. Het gevolg was de Eerste Golfoorlog, en later de Tweede Golfoorlog, waarna Hoessein werd gearresteerd en opgehangen, en Irak aan zijn lot overgelaten. Ex-bondgenoot.

Tijdens de Sovjetinvasie van Afghanistan, tussen 1979 en 1989, begonnen de Verenigde Staten het religieus getinte verzet te steunen, onder het motto de vijanden van mijn vijanden zijn mijn vrienden. Een van die verzetsleiders was ene Osama bin Laden, die tweede helft jaren negentig niet langer ‘Dankuwel’ zei en aanslagen begon te plegen op Amerikaanse gebouwen en burgers. Ex-bondgenoot.

Amerikanen kennen niets van geopolitiek. Het interesseert hen ook niet. Er zijn maar twee redenen om te interveniëren voor hen: financieel-economisch eigenbelang en imperialistische machtshonger. ADHD-politiek is het, gericht op nú, niet op morgen en al zeker niet op de middellange termijn. Dat was zo in Vietnam, in Irak, in Afghanistan, en nu in Iran. They don’t care. Een narcist is voor de wapenindustrie ginds een ideale president. Hij doet en zegt dan wel, zelfs in hun ogen, geregeld vreemde dingen, op het einde van de rit is hij een nuttige marionet. Die zichzelf op de borst klopt over zijn dadendrang. Tel uit je winst, denken de wapenfabrikanten.

Als het de Amerikanen, en andere landen, écht te doen zou zijn geweest om de belangen van het Iraanse volk, dan zouden ze de ondergrondse bewegingen in Iran al jaren geleden uitgebreid gesteund hebben, financieel en militair, in de vorm van harde cash en al even harde wapens.

Een revolutie kan niet van buitenaf opgelegd worden, die moet van binnenuit starten.

Een revolutie begint niet met bommen die vijandige machten droppen, die moet intern worden uitgedokterd (met eventueel wat logistieke hulp van buitenaf).

Een revolutie is iets dat op een organische wijze moet ontstaan in het land zelf en door (een deel van) het volk, niet door onwetende buitenstaanders.

Om Gil Scott-Heron nog eens te citeren: the revolution will not be televised. De huidige beeldenstorm van ontploffingen en rookpluimen her en der zijn louter entertainment voor de nieuwskijkers in de wereld. Belangrijker is wat we níet zien. Staan er binnen Iran krachten klaar om het regime over te nemen? De zoon van de sjah, zo wordt gespeculeerd, maar kan je dat wel maken en is dit geen nieuwe start voor het nepotisme van weleer? Hoe vul je het herstel van de democratie in? Kun je dat wel invullen en verkijken we ons niet op onze westerse interpretatie van wat een democratie behoort te zijn?

Met ADHD-politiek los je het fundamentele probleem van de anti-fundamentalisten in Iran niet op. Zij verdienen beter dan dit waanzinnige spektakel, die hen geen spetter vrijheid garandeert, hooguit het kortstondige juichen na de dood van een despoot. Een van de komende dagen vindt Trump het genoeg geweest en worden de Iraniërs – die zijn interventie in eigen land en elders nu misschien nog luidkeels toejuichen – alweer aan hun lot overgelaten, zoals dat al decennialang gebeurt. Kunnen ze het vervolgens zelf uitzoeken en uitvechten in (mogelijk) een burgeroorlog. Ook dat zou typisch Amerikaans zijn. Après nous le déluge (maar dan in het Amerikaans-Engels).

Ondertussen telt Netanyahu zijn winst uit. Wanneer wordt die man voor het Internationaal Gerechtshof gebracht? En zullen we ‘vredestichter’ en zelfverklaarde Nobelprijs voor de Vrede-kandidaat Trump dan ook meteen op het bankje naast hem zetten?



“You’re missing”

Memories & mijmeringen Posted on di, maart 03, 2026 13:15:16

Mijn lief lief,

alleen nog maar het gedacht dat ik jou een briefje zou sturen, terwijl je hier niet meer bent, zou je doen glimlachen. Jij was de spirituele, de hooggevoelige, de sensuele, ik de olifant in de porseleinwinkel, rationeel op het saaie af. Toch zet ik nu even dat rationele masker af, stuur ik de journalist met een smoesje het huis uit, laat ik alle remmingen vallen.

Ik geloof niet in een hiernamaals.

Ik geloof niet dat jij nu ergens ver weg van hier bent, in een ander universum, in een ander leven misschien.

Ik geloof niet dat er leven is na de dood.

Ik geloof niet.

Ik geloofde wel in ons en ik doe dat nog altijd. Je zal altijd in mijn hart blijven, en in mijn gedachten. Nu, precies een jaar na het definitieve aardse afscheid, blijf ik in mijn hoofd nog te veel hangen bij dat vreselijke laatste jaar en zie ik voortdurend die laatste beelden van je. Ik hoor je laatste verzuchtingen, je laatste woorden, je laatste ademstoten, terwijl ik hunker naar de prettige herinneringen van ons samenzijn, die zeer ruim in de meerderheid waren. Ik zal geduld moeten hebben, vrees ik.

‘Koester de mooie herinneringen’, schreef ik altijd als iemand een geliefde was kwijtgespeeld en daarover iets schreef op Facebook. Nu weet ik: het duurt een tijdje voor je aan dat koesteren toekomt. En ik hoef je niet te vertellen dat ik extreem ongeduldig ben…

Gelukkig is er die grabbelton vol heerlijke momenten.

***

Niet alleen zou je glimlachen omdat ik je aanschrijf, je zou dat nog meer doen als je ziet wat ik het voorbije jaar allemaal al gedaan en geregeld heb, ik, de asociale, de man die het initiatief uit handen gaf als het op de inrichting en afwerking van ons huis aankwam – eigenlijk moet ik zeggen: jóuw huis, want jij hebt het ontworpen, de architect was nodig om de steunmuren op de juiste plaats te zetten, maar dit was jóuw verwezenlijking en het blijft prachtig. Al is het huis zo leeg zonder jou. Ik wil het nu helemaal afwerken, zoals jij dat voor ogen had.

Er is eindelijk deftige verlichting, geloof je dat? Gedaan met in het halfduister te kokkerellen. Net nadat ik mijn voorkeuren qua spots en lampen had doorgestuurd, stuitte ik op een oude e-mail van je, waarin je zelf al had opgelijst wat je wilde, en raad eens: we hebben dezelfde smaak. Oprit, carport, tuinhuis: die komen nog. Je zal het me wel vergeven dat het tuinhuis, dat jouw womancave moest worden, toch iets van ons beiden wordt.

***

Ik mis je.

Zoals Springsteen zo prachtig zong in You’re missing, op de cd The rising: ‘Everything is everything / But you’re missing’.

Het leven gaat zijn gangetje, maar jij bent er niet meer. The Boss voelde dat zo goed aan.

‘Your house is waiting / For you to walk in’.

Of: ‘You’re missing when I shut out the lights / You’re missing, when I close my eyes / You’re missing, when I see the sun rise / You’re missing’.

Je bent nog zeer aanwezig in dit huis en toch ben je er niet. Bevreemdend.

***

Sinds 3 maart 2025, 14.15u, struikel ik door het leven. Rouwen om jou werd al snel on hold gezet, omdat mijn moeder in het ziekenhuis en uiteindelijk in een woonzorgcentrum belandde, waar ze zich nooit heeft thuis gevoeld, wat tot haar voortijdige dood heeft geleid, al is – op twee dagen na – vierennegentig natuurlijk een mooie leeftijd. Mooier dan zesenzestig in elk geval. Mijn rouwproces is eigenlijk pas op 30 november, de dag na de afscheidsplechtigheid voor mijn ma, begonnen.

We hadden nog zoveel plannen.

Weet je nog dat we hadden uitgestippeld waar we tussen ons vijfenzestigste en vijfenzeventigste overal naartoe wilden gaan, ‘nu het nog kán’? Wel, het kan niet meer. De lijst is er nog, maar ik zal hem alleen moeten afwerken. Of niet.

Ik ben al twee keer naar de Fondation Louis Vuitton in Parijs geweest, sinds we er samen naar de Rothko-tentoonstelling gingen in januari 2024. Telkens rolden de tranen over mijn wangen. Niet van de schoonheid van de werken van David Hockney en Gerhard Richter, al was die er ontegensprekelijk in overvloed, maar omdat jij die schoonheid niet meer samen met mij kon beleven. Je zou ervan genoten hebben. Intens. Dat je dat werd afgepakt, is van een wreedheid die niet met woorden te beschrijven valt.

Naar de Fondation Beyeler, óns museum in Riehen, durf ik voorlopig niet naartoe te gaan, al loopt daar nu een razend interessante expositie over Cézanne. Gezocht: reisgezel die niet wegloopt als er een traan wordt weggepinkt. Misschien moet ik maar zelf alweer een baken verzetten, want ik besefte al heel snel: alles wat ik doe, is een eerste keer zonder jou.

***

Ik heb me voorgenomen om vol in het leven te staan. Dat is de theorie. De praktijk ligt minder voor de hand. Maar ik weet dat jij niet zou gewild hebben dat ik thuis zou zitten treuren, 24/7. Dus ga ik naar concerten, dweil ik weer bioscopen af, wandel ik letterlijk op onbekende terreinen, ga ik eten met en bij vrienden. Want, weet je, de kwaliteit van onze vriendenkring is groot. Immens. Échte vrienden zijn het, waar ik welkom ben, waar we bewonderend over jou kunnen mijmeren, waar de herinnering aan die fijne vrouw die Nicole De Coster heette, levendig wordt gehouden.

Mensen bellen of mailen me, of sturen privé-berichtjes op Facebook, om te vragen hoe het me is en om te zeggen dat ze jou óók missen. Of ze komen spontaan langs. Jouw vriend(inn)en en familie die er onvoorwaardelijk waren toen je hen nodig had., als ik toch eens het huis uit moest, voor opzoekwerk voor mijn nieuwe boek of een lezing of zo. Of gewoon, om even bij te praten en je moreel te ondersteunen.

Over dat nieuwe boek gesproken: het ís er. De jaren 80. Van wanhoop naar hoop. De ondertitel slaat op de situatie in de wereld van toen, maar zou net zo goed op mijn eigen toestand kunnen slaan. Wanhoop, kort na je dood. Hoop, vandaag. Het heeft geen zin om te kniezen om wat en wie er niet meer is. Daar heeft niemand wat aan, jij niet, ik niet, mijn omgeving niet.

***

Ik kijk naar je foto’s en denk: wat een eer, wat een genoegen, wat een weelde om meer dan de helft van mijn leven met deze prachtige vrouw te hebben mogen doorbrengen. Dat pakken ze me niet meer af.

‘We’ll always have Paris,’ zegt Humphrey Bogart tegen Ingrid Bergman in Casablanca. Wij hebben véél meer dan Parijs. En dat kan niemand ons afpakken.

Ik zie je graag!

***

PS 1: ik heb intussen geleerd dat je een kasjmieren T-shirt niet bij de gewone was mag steken. Na twee beurten heb ik nog een kindershirtje over.

PS 2: de druivenoogst was groter dan ooit tevoren. Alleen jammer dat de Aziatische hoornaars de lekkernijen ontdekt hebben voor ik kon beginnen te plukken.

PS 3: ik heb een handvol mensen kunnen blij maken met de opbrengst van de kweeperenboom. Want ja, wie maakt daar nog confituur van hier in huis?



Vertrouwen

Communicatie, Journalistiek, Samenleving Posted on za, februari 28, 2026 12:39:16

Flashback naar april vorig jaar: verontwaardiging alom wanneer een gynaecologiestudent schuldig wordt bevonden aan verkrachting van een collega-studente maar opschorting van straf krijgt. In de media sijpelen de woorden ‘voorbeeldige student’, ‘geëngageerd’ en ‘gunstige persoonlijkheid’ door, die olie op het vuur gooien. A zo, als je een ‘gunstige persoonlijkheid’ hebt – wat dat verder ook moge betekenen –, moet je niet de cel in voor verkrachting? Dagenlang wordt er geprotesteerd, vooral door jonge vrouwen die zich in de plaats van hun verkrachte generatiegenote stellen en de wereldvreemdheid van de rechter hekelen.

Wie deed dat overigens niet de voorbije jaren, klagen over rechters die niet met hun twee voeten in de samenleving staan?

Eerlijk, ik heb daar toen niets over gezegd of geschreven, omdat ik nog in volle rouw zat na het overlijden van mijn echtgenote. Anders zou de kans groot geweest zijn dat ook ik een blogpost had gewijd aan deze zaak. Of enkele rake opmerkingen op sociale media had geplaatst. En hoewel ik het nieuws van buiten mijn vier muren toen slechts mondjesmaat tot mij nam, had ik bijna zeker dat vonnis aangeklaagd. Voor mij hoorde die student thuis in de cel, zoals alle veroordeelde verkrachters.

Deze week kwam de zaak in beroep voor, omdat het openbaar ministerie zich had verzet tegen de oorspronkelijke uitspraak. De strafmaat werd bevestigd: schuldig met opschorting van straf. De student, die inmiddels andere studies heeft aangevat, blijft op vrije voeten. Maar nu kwamen er wel meer details vrij over wat er precies gebeurd is die nacht in november 2023. U kunt die wel teruglezen in uw krant of op het internet. Kort gezegd: de studente was stomdronken, de student bood aan haar naar het kot van haar vriendin te begeleiden en daar kwam het tot seks, terwijl de studente zich daar ’s anderendaags niets meer van herinnerde. Ze had dus geen expliciete of impliciete toestemming gegeven, kon dat ook niet meer geven gezien haar laveloze toestand. En dus heeft hij haar juridisch gezien verkracht.

Ik begrijp nu veel beter waarom de student, met zijn blanco strafblad en zijn onbesproken gedrag, wél schuldig werd bevonden, maar níet naar de gevangenis moest. Zijn handelen was zonder meer fout – vandaar de veroordeling –, alleen moet je de samenleving niet voor hem behoeden. Hij is geen serieverkrachter, geen seksueel roofdier, geen individu dat in de duisternis staat te wachten om een vrouw die alleen over straat wandelt, mee te sleuren in de bosjes.

En ik begrijp nu ook hoezeer we op het verkeerde been gezet zijn vorig jaar. Door de media, die alleen de pikante details hebben uitgelicht. Door de demonstranten, die alleen maar sloganeske taal hanteerden. Door de rechter, die een duidelijker keuze had moeten maken: ofwel het vonnis onmiddellijk publiceren en meegeven aan de aanwezige journalisten, ofwel niets naar buiten laten komen. Dat laatste is vrij naïef in deze tijden van instant-verslaggeving, dus had hij de dader moeten afschermen van de op lynchen beluste massa. Nu werd de dader zelf ook slachtoffer.

Spreken is zilver, zwijgen is goud, zegt het spreekwoord.

Ik háát dat gezegde, omdat het er alleen maar op uit is om mensen te doen zwijgen. Spreken zullen we, verdorie! Máár: alvorens we spreken, moeten we wel iets langer nadenken over wat we precies zullen zeggen. Nadenken. Alles op een rij zetten. Nuanceren. En dan, op basis van correcte informatie, een mening uiten. Vrijheid van meningsuiting is uitermate belangrijk, maar we mogen er geen vrijheid van onmiddellijke en ongenuanceerde meningsuiting van maken. Enfin, dat mag óók, want strikt genomen valt het onder dezelfde grondwettelijke bescherming, maar het zou zoveel slimmer zijn om even te wachten.

Er mag wat meer vertrouwen zijn in de rechterlijke macht. Die rechterlijke macht mag wat meer vertrouwen hebben in de samenleving en zou wat vaker open moeten communiceren. En de samenleving moet wat geduldiger zijn. Oordelen en veroordelen is zó makkelijk. Beoordelen, op basis van reflectie en onderzoek, is veel moeilijker. Nochtans is dat laatste maatschappelijk veel zinvoller. Al was het maar omdat het virtuele lynchpartijen voorkomt.

Spreken is zilver, te snel spreken is niet eens eremetaal waard.



Verzet

Muziek, Samenleving Posted on za, februari 21, 2026 11:55:08

De groten roeren de trom.

Op Aswoensdag pakte U2 onaangekondigd uit met een ep, Days of Ash, zes songs die vertrekken vanuit verontwaardiging, boosheid en ongerustheid over de toestand in de wereld. Een politieke boodschap van Bono, The Edge, Adam Clayton en Larry Mullen is niet nieuw, maar het is wel al een tijdje geleden. Days of Ash is niet het beste werk van het Ierse viertal, maar elk nummer getuigt wel van hoogdringendheid. Deze mini-plaat moést gemaakt worden, deze boodschap drong zich op. En het is zonder meer knap dat multimiljonairs, die hun dagen zouden kunnen slijten met louter persoonlijk amusement, far from the madding crowd, het de moeite vinden om hun bezorgdheid en woede te uiten.

Precies drie weken voordien had Bruce Springsteen al gereageerd op de door de misdadige Amerikaanse overheid geïnstrueerde jacht op illegale migranten in Minneapolis, waarin net een tweede protesterende burger was gedood door een schietlustige ICE-agent. Streets of Minneapolis was rauw, scherp, alert, en toch vintage The Boss. Nu kondigen Bruce Springsteen and the E Street Band ook een korte Amerikaanse tournee aan, Land of Hope and Dreams, die – hoe kan het anders? – zal beginnen in Minneapolis. Het Witte Huis reageerde al door Springsteen een loser te noemen, de standaardreactie van Trump en de zijnen op al wie hen niet goedgezind is in de culturele wereld: allemaal losers. Wie alle andersdenkenden een loser noemt, zou best zelf weleens een loser kunnen zijn, zeker op menselijk vlak.

U2 en Bruce Springsteen: veel hoger kun je niet mikken vandaag. Twee topacts die al decennialang een ruime schare fans hebben én bereiken, en daar zitten ongetwijfeld ook lieden tussen die Sunday, bloody Sunday vooral een lekker dansbaar nummer vinden zonder naar de boodschap te luisteren, of die in de waan blijven dat Born in the USA een ode aan de Verenigde Staten is. Met andere woorden: deze artiesten nemen een risico. Veel makkelijker ware geweest niets te zeggen of te doen. De centen van de royalty’s rollen elke dag vanzelf binnen.

Hulde!

In het land van President Sinaasappel is de situatie natuurlijk alarmerend en pregnant. Wie nu niet reageert, zal misschien nooit nog de kans krijgen om te reageren. It’s now or never! Het einde van de democratie lijkt nabij, fascistoïde praktijken zouden weleens sneller dan verwacht – omdat mensen hebben afgeleerd het ergste te denken – kunnen omgezet worden in fascisme tout court. The times they are a-changin’ en ze veranderen veel sneller dan in 1964, toen Bob Dylan dit gelijknamige nummer schreef. Waar blijft de Nobelprijswinnaar Literatuur trouwens in deze turbulente tijden? Het volk ziet af en heeft stemmen nodig die het voor hen opnemen. Hoe meer, hoe liever. Hoe luider, hoe beter. Subtiel hoeft nu even niet, het is belangrijker dat er een muzikale vuist wordt gemaakt, dan dat de recensenten het een geweldige song vinden.

En wij dan?

Wij worden niet geleid door een despoot, dat klopt.

Wij zien nog geen tot de tanden toe gewapende agenten van een speciale eenheid de straten ontruimen en mensen uit huizen sleuren, dat is zo.

Wij profiteren zelfs een beetje van onze surrealistische politieke spelletjes die delen van dit land en soms het land zelf onbestuurbaar maken, waarna we er ons vrolijk om maken, dat is een feit.

Máár: een democratie heeft zelden de eeuwigheid, is kwetsbaar, moet onderhouden en beschermd worden. Het kan snel gaan. Denk aan Hongarije en andere landen waarvoor we niet naar de andere kant van de grote oceaan moeten kijken. Despoten kloppen ook aan onze deur. In onze federale regering en de entourage ervan lopen figuren rond die dwepen met autoritaire tendensen, ja, ik heb het over jullie, Francken, Van Bossuyt en Bouchez. Om nog maar te zwijgen over de invloed die Vlaams Belang al meer dan twintig jaar heeft op onze besluitvorming inzake migratie.

Deze week was er nog dat relletje met de Amerikaanse ambassadeur, die België ervan beschuldigde antisemitisch te zijn, omdat rechters binnenkort moeten oordelen over de besnijdenis van joodse jongetjes. Veel gekker wordt het niet: een tijdelijk geïmporteerde clowneske diplomaat die zich allesbehalve diplomatisch bemoeit met de lokale politiek en rechtspraak. Trump en zijn zendelingen verfoeien de rechtsstaat, we kunnen die maar beter afschermen van roeptoeters en cryptofascisten.

De verwarring die zo eventjes ontstaat, is alleen maar koren op de molen van extreemrechts, dat maar wat graag onze eigen versie van ICE op straat wil zien. En daarom zou het goed zijn dat onze eigen topartiesten hun verontwaardiging, boosheid en ongerustheid uitroepen. Waar is de ‘¡No pasáran!’-attitude van oktober 2006, toen artiesten een dam wilden opwerpen tegen de groei van extreemrechts? Er stonden gemeenteraadsverkiezingen op het programma en twee jaar voordien was Vlaams Blok na een veroordeling wegens racisme verveld tot Vlaams Belang en haalde het een kwart van de stemmen in Vlaanderen. Wie niet (extreem)rechts was, schoot wakker. Wel, twee jaar geleden was Vlaams Belang in drie van de vijf Vlaamse provincies de grootste partij en flirtte het overal met de 25 procent-grens. Is er nu dan geen hoogdringendheid? Iedereen ingedommeld? Waar blijven de Cous-cous kreten, de L’étranger c’est mon ami, de Fascist cops?

Het verzet, dat van onderuit al gestaag groeit, heeft dringend nood aan grote namen. Kom terug uit pensioen, Raymond. Laat de nostalgische en zeer lucratieve tournees rond oude platen even achterwege, Tom. Er is meer dan KAA Gent in het leven, Frederik. Wannes Van de Velde, Arno en Luc De Vos zijn er niet meer, enkele anderen helaas ook niet, Willem Vermandere en Will Tura zijn gestopt, maar er is toch een nieuwe lichting? Maak je maatschappelijk nuttig, Pommelien. Zeg eens iets, Metejoor. Laat nog eens zien waarom je dat VUB-eredoctoraat verdient, Paul/Stromae.

Leg de bezwaren dat het je carrière zal schaden even opzij, beste artiesten, plus est en vous! Zing nu je nog mag zingen, roep nu je nog kan roepen, spring op een podium nu er nog podia zijn.



Wij, witte heteromannen

Communicatie, Journalistiek, Samenleving Posted on za, februari 14, 2026 12:02:38

Wij, witte heteromannen, zouden bescheidener moeten zijn. De evenaar loopt heus niet door onze reet, we hoeven niet elke dag te doen alsof we het warm water opnieuw hebben uitgevonden, we hebben onze huidige status vooral te danken aan historische scheeftrekkingen, niet aan eigen verdiensten of aan een recht dat we onszelf om een of andere duistere reden voorbehouden.

Wij, witte heteromannen, hebben nog altijd de overhand in globale discussies en kwesties. Vele samenlevingen zijn patriarchaal ingesteld, dat geldt zeker ook voor witte samenlevingen. Ook dat is geen verdienste, het is iets wat onze verre voorvaderen hebben opgeëist en in de loop van de millennia hebben behouden. Als dat statuut in gevaar komt, reageren we met geweld, verbaal of fysiek. Dat alleen al duidt op onze initiële zwakte. Wie geweld nodig heeft om zijn machtspositie te behouden, zit fundamenteel fout.

Wij, witte heteromannen, zouden er niet systematisch van mogen uitgaan dat we alles begrijpen, dat we overal een antwoord op hebben en dat we – als we dat antwoord níet hebben – mogen verwijzen naar onze oorspronkelijke status: wij zijn de baas! Zwaktebod.

Wij, witte heteromannen, zouden wat meer moeten luisteren naar wie niet wit, niet hetero en niet van mannelijke kunne is. We missen waardevolle input als we ons blijven verschuilen achter onze maatschappelijke machtspositie.

Wij, witte heteromannen, zouden a fortiori in zaken die andere mensen aangaan moeten zwijgen en als we ons al in het debat mengen, dan niet vanuit een ‘Wij weten alles beter!’-houding, maar open, tolerant en bereid tot luisteren en bijleren. We hebben ons in het verleden voortdurend gemengd in kwesties waarin we geweigerd hebben te aanvaarden dat we niet de drijvende kracht maar slechts een faciliterende partij waren. Een voorbeeld: abortus. Dat is in de eerste en de laatste plaats een vrouwenkwestie. Baas in eigen buik, weet u nog wel? Wij, witte heteromannen, hebben een doorbraak ter zake heel lang geweigerd, omdat we dat konden, als enige of alleszins qua getalsterkte dominante sekse die hierover kon beslissen. (Nog een gradatie erger was dat witte mannen in een religieus plunje een verbod eisten voor iets waar zij, als ze zich tenminste aan de regeltjes hielden, niets mee te maken hadden en nooit zouden hebben.)

Wij, witte heteromannen, moeten leren dat we ons beter baseren op statistieken en officiële cijfers dan op een gevoel of op anekdotiek. De realiteit in de macrokosmos is vaak anders dan die in onze microkosmos. Onze beperkte kring is niet de wereld. Wat onze vriendinnen zeggen, is niet wat vrouwen in de rest van de wereld meemaken en vertellen, om toch even terug te komen op die discussie die nu al meer dan een week woedt.

Wij, witte heteromannen, zouden niet in een defensieve kramp moeten schieten wanneer een Nederlandse comédienne misschien net iets te agressief en luidruchtig in een talkshow de waarheid zegt; we zouden aandacht moeten hebben voor wát ze zegt, niet voor hóe ze dat doet. En we zouden vervolgens niet de focus moeten leggen op de term ‘gevoel’ (zoals in: onveiligheidsgevoel) om te benadrukken dat het ‘slechts’ om een angstig aanvoelen gaat, terwijl de dagelijkse werkelijkheid en de vele statistische gegevens duidelijk maken dat dit gevoel wel degelijk op een reëel gevaar gebaseerd is en die angst – hoe irreëel die misschien achteraf blijkt te zijn geweest – fundamenten heeft in wat die vrouwen overal ter wereld elke dag wel ergens overkomt.

Wij, witte heteromannen, belemmeren het doorgroeien en tot volle bloei komen van mensen die er niet uitzien zoals wij. En dat louter en alleen omdat we hen dat kúnnen belemmeren. ‘Waarom! Daarom!’ is een zeer achterhaald principe, dat was het trouwens al toen het voor het eerst opdook. We bedienen ons er nochtans constant van.

Wij, witte heteromannen, zijn niet de norm, ook al hebben we die bepaald en blijven we die hardnekkig opleggen.

Wij, witte heteromannen, bepalen niet alleen de waarden waaraan iedereen geacht wordt zich te houden.

Wij, witte heteromannen, zouden moeten leren zwijgen wanneer dat gepast is en spreken wanneer dat gewenst is. We zouden er de wereld veel miserie mee besparen. En uiteindelijk ook onszelf.

***

Disclaimer: ik wilde dit stukje oorspronkelijk ‘Wij, mannen’ noemen, maar ik wil niet spreken namens alle personen die zich als man identificeren. Dat zou nogal pretentieus zijn. ‘Wij, heteromannen’ klonk ook te voortvarend, want wie ben ik om namens niet-witte mannen te praten. (En, ja, er zit vaak een religieus-culturele component aan wangedrag tegenover vrouwen, dat moet erkend worden.) Dan maar ‘wij, witte heteromannen’, dat is nu eenmaal het vakje waarin ik door omstandigheden buiten mijn wil om in vertoef – al vind ik het niet altijd even storend, met dank aan al die privileges, toch wel! Ik identificeer me overigens zelden met de verwijten die ik ‘ons, witte heteromannen’ maak, maar het zou nogal pocherig klinken om over ‘de andere witte heteromannen’ te spreken, alsof ik een soort heilige zou zijn. Ik heb mezelf dus mee in het bad geduwd. En ik kan niet eens zwemmen…



De vergeten weggebruiker

Samenleving Posted on za, februari 07, 2026 11:29:37

Deze week ergerde ik mij er weer aan: de manier waarop de voetganger in dit land als quantité négligeable beschouwd wordt. Quantité ennuyeuse, zelfs. Vervelende weggebruiker. In-de-weg-loper. Ik maakte een wandeling door Tollembeek en het viel op hoezeer ik, als stapper, aan mijn lot werd overgelaten. In de hoofdstraat door het dorp is aan de ene kant van de straat een smal trottoir, ruim voldoende voor één persoon, nauwelijks te doen voor twee mensen naast elkaar. Geregeld moet je uitwijken voor een elektriciteitspaal, een verhoogde dorpel of een auto die zich half op het pad voor de voetgangers heeft gezet, om vooral niet in de weg van het autoverkeer te staan. Die voetgangers, ach… Dan moet je de rijweg op, niet zonder gevaar. Als er een auto aankomt, moet je wachten, want ja: Koning Auto heeft altijd en overal voorrang hier.

Aan de andere zijde van de straat is nu eens wel, dan weer geen trottoir. Je kunt laveren tussen de kiezelsteentjes of het keurig afgereden gras, dat tot iemands voortuin behoort (en toch ook weer niet, want elke huiseigenaar moet drie meter afstaan voor gemeenschappelijk gebruik, dat is tenminste de theorie). Trouwens, mocht ik mijn straat niet naar rechts, maar naar links hebben verlaten, dan is er zelfs helemaal géén trottoir. Je moet op een smalle strook wandelen, met links van je een gracht en rechts het behoorlijk drukke verkeer dat voorbij dendert. Zeer riskant. Ook in andere straten is een trottoir zelden te bespeuren. Voor een landelijke gemeente is de aanleg van een trottoir blijkbaar een optie, zoals een richtingaanwijzer dat is voor de bestuurder van een Duitse luxeauto.

In steden is het tegenwoordig al beter, sinds de regel werd ingevoerd dat een voetganger voorrang geniet op het zebrapad. Toch blijft het risicovol om zomaar de straat over te steken op zo’n voor jou gereserveerde plek. Grosso modo zijn er drie soorten chauffeurs. Je hebt diegenen die in de buurt van een zebrapad beginnen af te remmen, in de wetenschap dat er misschien wel iemand zal oversteken. Ik behoor zelf tot die categorie. Beleefde jongen, ook al omdat ik weet hoe dat aanvoelt als je niet in die auto zit maar in die stapschoenen staat. Dan heb je diegenen die nog wat extra gas geven om zeker vóór die vervelende voetganger het zebrapad gekruist te hebben. Opzij, opzij, opzij, maak plaats, maak plaats, maak plaats, wij hebben ongelooflijke haast!

Dat zijn nog de behapbare categorieën: bij de eerste weet je dat je veilig bent, bij de tweede kun je maar beter niet je voorrang opeisen. (Overigens horen de oudere chauffeurs die overal veertig per uur rijden maar nergens voor stoppen ook tot deze categorie.) Het derde soort chauffeur probeert zo lang en zo ver mogelijk door te rijden, en stopt pas als het echt niet anders kan. Die vind ik de gevaarlijkste, want die vertrouwt wel heel erg op zijn remsysteem.

Op de buiten heb je de luxe van de zebrapaden veel minder en chauffeurs zijn er ook minder alert op om er rekening mee te houden dat er weleens een voetganger zou kunnen oversteken. Wie doet dat nu? Wie gaat er nu te voet op het platteland? Waar komt die mens plots vandaan? U lacht misschien, maar zo voelt dat echt wel aan.

De vrachtwagenchauffeurs en automobilisten hebben een lobbymachine achter zich die tentakels heeft tot in de hoogste kringen van de besluitvorming. Naar de Fietsersbond wordt ook nog geluisterd, helaas meestal net nadat er weer eens een fataal dodehoekongeval is gebeurd. De trein-, tram- en busreizigers hebben eveneens een organisatie die voor hen opkomt: ook daar geldt dat ze het vaak moeten afleggen tegen de veel machtigere automobiellobby. Maar goed, ze komen tenminste nog aan bod.

Als voetganger ben je in dit land nog altijd uit veruit de zwakste weggebruiker. Erger nog: je bent buiten de stad een vergeten weggebruiker. Er bestaat blijkbaar zoiets als de Voetgangersbeweging en oktober is de Maand van de Voetganger, maar dat heb ik moeten opzoeken. Ik wist het niet. Lees of hoor je daar ooit iets over of van? Door de verhuftering van de samenleving krijg je autoritair pestgedrag van sterk naar zwak: de camioneur acht zich verheven boven de automobilist, de automobilist vindt dat fietsers maar uit de weg moeten gaan, en fietsers en steppers foeteren op de voetgangers die in hún weg lopen, voetgangers ergeren zich aan ouders met kinderen die veel te traag gaan en de hele breedte van het trottoir opeisen.

Misschien moeten wij, voetgangers, ons toch eens net iets ernstiger gaan verenigen?



Kom uit uw kot, journalisten!

Geschiedenis, Journalistiek, Politiek Posted on za, januari 31, 2026 12:59:21

Als het buiten lijkt te regenen en u wilt even checken of dat daadwerkelijk zo is, dan bestaat daar – tenzij u volstrekt immobiel bent en gedwongen om binnen te blijven, of met twee collega’s samengepropt zit in een minuscule gevangeniscel – een eenvoudige methode voor: u stapt even de deur uit, gaat op een plek staan waar er geen beschutting boven uw hoofd is en u voelt of er nattigheid uit de hemel valt, ja dan neen. Voelt u de druppels? Het regent. Voelt u de druppels niet? Het is droog.

Poepsimpel, gewoon zelf even een inspanning leveren.

Van journalisten, die – als ze tenminste niet tot de categorieën ‘loonslaaf’ of ‘goedkope, uitgebuite werkkracht’ behoren – geacht worden ons juiste informatie te verschaffen, mag je verwachten dat ze diezelfde oefening voortdurend doen: eventjes uit de comfortzone stappen, desnoods een regenjas aantrekken en aan den lijve ondervinden welk weer het is. Toch doen ze dat steeds minder. Integendeel, ze vragen aan twee personen van wie ze weten dat die elkaar automatisch zullen tegenspreken of het regent. De ene zal ja zeggen, de andere neen. Als mediaconsument moet u dan maar zelf concluderen met welk weertype we te maken hebben. Overbodige informatie, dan kunt u net zo goed zelf de oefening doen en uw deur openen.

Ik vind dat een vorm van intellectuele luiheid. Laat over onderwerpen waarover een absolute waarheid bestaat – het regent, het regent niet – twee lieden een tegenovergestelde mening poneren en je hebt – in de ogen van de luie redactie – een volwaardige bijdrage. Laat de lezer zelf beslissen wat de waarheid is, is de achterliggende gedachte (gesteld dat er al gedacht wordt).

Natuurlijk gaat het doorgaans niet over iets futiels als regenweer; we zagen dat ook tijdens de coronacrisis. Tegenover de visie van wetenschappelijke experten – waartussen ook al behoorlijk wat nuanceverschillen zaten – werd de complottheorie of de compleet van de pot gerukte opinie van een of andere malloot gezet. Clickbait. Artikel gelezen, bijdrage gehoord of gezien, taak volbracht, zo denkt de moderne redactie, zelfs die van een traditioneel medium. Fout! Het is de verdomde taak van de journalist om op zoek te gaan naar de ware toedracht en eens die zich duidelijk aftekent – het regent, het regent niet, of: er is een virus op gang en dit is de wetenschappelijke tendens daarrond – niet op zoek te gaan naar personen die dat zonder enig bewijs tegenspreken, met als doel de controverse aan te wakkeren.

***

Deze week ging het over de documentaire rond de Amerikaanse first lady. Melania, heet die, over de titel werd niet al te lang nagedacht. Alle media schreven erover. Dat begrijp ik nog. Wat ik niet begrijp is dat dit in heel wat artikels werd voorgesteld als een normale documentaire in normale omstandigheden. De Verenigde Staten verglijden al meer dan een jaar in wat een absolute democratie mag worden genoemd: de leider is weliswaar democratisch verkozen, maar leidt zijn land met harde, meedogenloze hand en kan op basis van een tiental checkpoints zonder enig probleem fascistisch genoemd worden. Of laten we voorzichtig zijn, zoals de historici: pre-fascistisch. Een zeer herkenbaar fenomeen, wat we te danken hebben aan de nog vrij recente geschiedenis.

Hoe kan je dan zogezegd neutraal berichten over meneer en mevrouw Trump in hun witte huis? ‘Als je neutraal bent in situaties van onrechtvaardigheid, heb je de kant van de onderdrukker gekozen,’ zei de Zuid-Afrikaanse aartsbisschop Desmond Tutu ooit. Vertaal dit naar vandaag: als je neutraal probeert te blijven over wat de Amerikaanse overheid en ICE aanrichten in Minneapolis, heb je de kant van de onderdrukker gekozen. Het is eenvoudig te benoemen, hoor: alleen al het feit dat ICE daar op die plek aanwezig is, mensen met geweld probeert te deporteren en burgers die daartegen protesteren koudweg afmaakt, wijst op fascistoïde praktijken in opdracht van een oppermachtige president.

Dus kan je, in mijn ogen, maar beter heel sec over die documentaire over de presidentsvrouw schrijven en er telkens bij vermelden dat haar man zijn land bestuurt op de wijze zoals fascisten dat doorgaans plachten te doen. Zoals je ook – nu de meeste historici het er eindelijk over eens zijn – de uitvoering van de Israëlische plannen in Gaza een genocide mag noemen en de regering-Netanyahu een genocidaire regering. En zoals je al meer dan veertig jaar het regime in Iran over de hekel mag halen als onderdrukkend en vrijheidsberovend. Met dat laatste hebben onze media het minder moeilijk: het gaat immers om een ver afgelegen land met een godsdienst die we hier als gevaarlijk beschouwen. Met zionisten en fascisten is er meer terughoudendheid. Ten onrechte.

***

Ik verlang van journalisten dat ze wat vaker uit hun stoel komen, buiten stappen, vaststellen hoe de toestand werkelijk is. Als journalistiek verwordt tot het louter weergeven van clickbait genererende tegengestelde meningen, houdt het bestaansrecht van traditionele redacties op. Dan leveren zelfs burgerjournalisten nuttiger werk. Voor journalisten geldt het tegenovergestelde van wat de minister van Volksgezondheid ons in 2020 toeriep: kom uit uw kot!



The best immigrant

Geschiedenis, Politiek, Radio en Televisie, Samenleving Posted on za, januari 24, 2026 12:40:35

‘Dit verhaal is niet gebaseerd op waargebeurde feiten.

Wel op een werkelijkheid die te dichtbij komt.’

Deze disclaimer verschijnt aan het begin van de vijf afleveringen tellende Vlaamse tv-serie The best immigrant, terug te vinden op Streamz, het videostreamingplatform dat pretendeerde een soort Vlaamse Netflix te zullen worden, maar dat in werkelijkheid nauwelijks kwaliteitsvolle programma’s biedt óf te vaak gewoon als warming-up dient voor uitzending op de reguliere tv-zenders. Al is The best immigrant wél zeer interessant en relevant.

U kent wellicht het uitgangspunt: in een niet nader gespecifieerde nabije toekomst behaalt de VPV, een extreemrechtse partij, een absolute meerderheid en roept prompt de onafhankelijkheid van Vlaanderen uit. Vanaf dag één na de verkiezingen maakt president Peeters werk van zijn grootste verkiezingsbelofte: het oppakken en deporteren van al wie geen Vlaamse wortels heeft. Een niet nader genoemde tv-zender pakt uit met een spelprogramma, The best immigrant, waarin mensen met een migratieachtergrond het eerst met en daarna tegen elkaar opnemen om één verblijfsvergunning te winnen. Alleen dan mogen ze in Vlaanderen blijven, de anderen moeten onherroepelijk vertrekken. Elke aflevering zijn er afvallers, die met veel machtsvertoon voor de camera’s worden weggesleurd en in klaarstaande busjes worden gepropt, die hen naar Zaventem brengen, waar de chartervlucht staat te wachten. Voorts moet u zelf maar ontdekken wat erin gebeurt. Weet wel: er komt een tweede seizoen.

De kritiek op de serie ging twee richtingen uit: boeiend vertrekpunt, maar té karikaturaal uitgewerkt. Waarmee bedoeld werd: het is zeer zinvol om in dit specifieke tijdsgewricht uit te pakken met een reeks over deportatie, alleen zijn de personages (en de vertolkingen) soms nogal simplistisch uitgewerkt. Ik kan met die kritiek leven. Bovendien acht ik het niet vanzelfsprekend dat Vlaams Belang – laten we de VPV maar meteen haar échte naam gunnen – zomaar de onafhankelijkheid van deze regio kan uitroepen, er zijn nog wat checks and balances te regelen.

Toch heb ik – om het met een vreselijk misplaatste term te zeggen – ‘genoten’ van The best immigrant. Deze serie komt precies op tijd, om ons een spiegel voor te houden en een, naar ik vrees, redelijk realistisch toekomstbeeld op te hangen. Als je vandaag ziet wat ICE (U.S. Immigration and Customs Enforcement) aanricht op instigatie van een oranje narcist in een wit huis met een binnenkort gouden balzaal, dan zult u me begrijpen. Terloops: er was veel te doen over de dood van Renée Good op 7 januari in Minneapolis. Trachtte ze de ICE-agent omver te rijden en schoot hij uit zelfverdediging, of gebruikte die agent buitensporig geweld om een na een controle wegrijdende vrouw tot stilstand te brengen? Ik geloof niet in de theorie van de zelfverdediging: dan schiet je op de banden, niet op de persoon achter het stuur. Maar de belangrijkste vraag wordt niet meer gesteld: wat deden die ICE-agenten daar? Wie of wat geeft hen het recht om op mensen met een migratieachtergrond te jagen, nota bene in een land dat, op de indianen na, integraal uit mensen met een migratieachtergrond bestaat? We zijn die ingrepen te vanzelfsprekend gaan vinden.

Het knappe aan The best immigrant is dat deze reeks in 2023 werd geschreven; Raoul Groothuizen en Christina Poppe wonnen er de eerste editie van de Streamz Academy mee. Dat geeft hun scenario een angstaanjagend voorspellende kracht. Donald Trump werd pas een jaar later opnieuw verkozen en begon pas eind januari 2025 met zijn verwoestende tweede termijn, waarin ‘migranten’ opgejaagd wild werden. Versta: al wie in de ogen van oude witte mannen geen oorspronkelijke Amerikaan is, een andere dan een witte huidskleur heeft en een andere godsdienst dan de in de Verenigde Staten gebruikelijke aanhangt, moet weg. Dit scenario dateert ook van voor de verkiezingen in België en Vlaanderen van juni 2024, waarbij Vlaams Belang net niet de grootste partij werd (en vergeet toch ook niet dat de man die nu de verdediging van ons grondgebied moet uittekenen bij eerdere verkiezingen ‘Samen een meerderheid’ riep, hopend op een Vlaamse entente tussen N-VA en Vlaams Belang). Het zou zomaar kunnen.

The best immigrant is geen documentaire, het is fictie, maar het fictieve karakter kan snel door de feiten achterhaald worden. Met extreemrechtse politici en partijen die overal in Europa oprukken en verkiezingen na verkiezingen winnen, zou het niet eens verwonderlijk zijn dat zo’n deportatiescenario werkelijkheid wordt. Weet u nog dat fameuze ’70-puntenplan’ van Vlaams Blok uit 1992? Daar stond die deportatie in, als antwoord op ‘het vreemdelingenprobleem’. Ondertussen hebben de zogeheten democratische partijen meer dan de helft van dat infame plan in de praktijk uitgevoerd.

Voor extreemrechts blijf je migrant, ook al ben je hier geboren en opgegroeid. Eerste-, tweede-, derde- of vierde-generatie: daar ligt Vlaams Belang niet wakker van. Denk aan de opmerking van Filip Dewinter en consoorten dat een kat die geboren wordt in een viswinkel, daarom nog geen vis is (een citaat dat echt bestaat, het is geen AI-verzinsel en het wordt niet toegeschreven aan iemand anders, Einstein of zo). Zij bedoelen: wij, Vlamingen, zijn de vissen. Zij, mensen met een migratieachtergrond, zullen altijd katten blijven. Fascisten eisen aan de ene kant integratie en weigeren aan de andere kant te aanvaarden dat integratie kán. Zo blijf je als persoon met een migratieachtergrond natuurlijk in alle omstandigheden een migrant, ook al heb je de Belgische nationaliteit. Je verliest altijd.

Ja, The best immigrant is bij momenten karikaturaal, maar ik kan me best voorstellen dat een producer zonder een greintje moraliteit (in de serie uitstekend vertolkt door Charlotte Timmers) er alles voor over heeft om hoge kijkcijfers te genereren, zelfs met een show die uitgaat van een onmenselijk gegeven. Dit is nóg geen realiteit, maar het lijkt verdacht veel op een werkelijkheid die steeds meer dichterbij komt, zoals de disclaimer aangeeft.

Leiders als Trump, Orban, Meloni en andere extreemrechtse patjepeeërs is het niet te doen om goed doen voor het hele volk, ze vertrekken van een strakke ideologische lijn en een onwrikbaar wij-zij-beeld van de samenleving. En gezien hun verkiezingssuccessen – plus die van Le Pen, Wilders, Van Grieken, etcetera – is een groeiend deel van de bevolking het daarmee eens. Empathie is een zwakte, zei de rijkste man ter wereld nog niet zo lang geleden. Empathie is wat we meer nodig hebben, zeg ik, maar goed, ik ben a) niet de rijkste man ter wereld, word b) niet gevraagd om een president te adviseren en kan mij c) niet alles permitteren in een wereld met ontwrichtende (sociale) media.

Mededogen is een deugd, geen teken van falen. Wederzijds begrip is een noodzaak, geen overbodig kenmerk. Met elkaar praten en naar elkaar luisteren is wat ons overeind kan houden, geen tijdverlies. Empathie, empathie, empathie. We hebben er meer van nodig, in tegenstelling tot wat Muskolini beweert.

Mocht u dat nog niet gedaan hebben: kijk zelf naar The best immigrant en oordeel. Ondanks de tekortkomingen is dit een must see. Als waarschuwing is het een must listen en als maatschappelijk toekomstbeeld een must avoid. Wij kunnen beter als samenleving. Doen we dat niet, dan zou dit verhaal binnen afzienbare tijd weleens op waargebeurde feiten kunnen gebaseerd zijn en hoeft die disclaimer niet meer.



Volgende »