Blog Image

Maandans

It's a marvelous night for a moondance!

Meningen over actuele gebeurtenissen. Of oude teksten "revisited". Startend vanuit een persoonlijke nood om gehoord/gelezen te worden. Een beetje pretentieus, misschien, in de hoop zo een discussie aan te zwengelen. Of toch op zijn minst tot nadenken te stemmen. Leuk tijdverdrijf mag ook, natuurlijk. O ja, de naam "Maandans" is de letterlijke vertaling van "Moondance", een management-boekingkantoor voor jonge Belgische rockbands dat ik eind jaren tachtig had, maar vooral: een heerlijk swingend nummer van een toen nog piepjonge Van Morrison, één van mijn favoriete artiesten. Kom ook eens langs op Twitter: @FrankVanLaeken of op mijn website: www.frankvanlaeken.eu

Propere Pandora Papers

Economie, Journalistiek, Politiek Posted on za, oktober 09, 2021 11:26:19

Niet cynisch worden.

Níet cynisch worden.

NIET cynisch worden, Van Laeken.

Het is moeilijk soms. Dat heeft met de leeftijd te maken: hoe ouder je wordt, hoe meer je gezien en gelezen en gehoord hebt (en ook wel: hoe meer je denkt dat je de wijsheid een beetje in pacht hebt). Hoe dichter je op de actualiteit staat, hoe meer je ziet dat de uitwassen binnen die actualiteit steeds minder leiden tot de juiste gevolgtrekkingen. Denk aan ministers die zelden nog hun verantwoordelijkheid opnemen. Het is een vreemde paradox: hoe groter de impact van (sociale) media, hoe groter de daaropvolgende collectieve verontwaardiging, hoe minder conclusies daaruit getrokken worden. Beleidsverantwoordelijken, hoogwaardigheidsbekleders en andere mensen die op een hogere trede van de maatschappelijke ladder staan, achten zich blijkbaar onaantastbaar. Het zijn, zoals in een kastenmaatschappij, onaanraakbaren geworden. Vervelend.

Vorig weekend pakte een internationale groep van journalisten uit met de ‘Pandora papers’, alweer een hashtag om te onthouden na de LuxLeaks (2014), SwissLeaks (2015) Panama Papers (2015), Football Leaks (2015) en Paradise Papers (2017). Telkens zo’n grootschalige samenwerking uitmondt in een reeks spraakmakende artikels, denk ik twee dingen: wow, knap gedaan (zeg gerust: professionele jaloezie, want dat had ik ook wel willen gedaan hebben), en wat gaat hiermee gebeuren? Het eerste draait om waardering voor knap onderzoekswerk, het tweede is echter net iets fundamenteler, want als er niets of heel weinig gebeurt met die relevante informatie, dan heeft dat onderzoek uiteindelijk te weinig losgemaakt. De geïnteresseerde burger wordt grondig geïnformeerd, zeer zeker, goed gedaan, maar de wanpraktijken blijven meestal doorgaan, of er wordt ergens een klein wettelijk verkeersdrempeltje gelegd, om de indruk te wekken dat er drastisch wordt ingegrepen. Quod non. Ik betrap mezelf erop dat ik die artikels veel minder gretig begin te lezen dan vijf jaar geleden. Wat heeft het allemaal nog voor zin?

#PandoraPapers draait rond belastingontwijking en fraude, en het grote grijze gebied daartussenin. Hoe dan ook gaat het om mensen die de financiële middelen hebben — en daardoor al tot de happy few behoren — en dat geld veilig proberen weg te steken, buiten het gezichtsveld van de fiscus. Andere mensen met geld zeggen: prima gedaan, collega, optimalisering en zo, moet kunnen. Ik zeg: je onttrekt geld aan de samenleving. Niet zelden zijn de mensen die roepen dat dit prima gedaan is, diegenen die ook hameren op een begroting in evenwicht, maar hoe kan je dat laatste garanderen als een deel van de bevolking het solidariteitsprincipe — wie heeft, geeft — voortdurend met voeten treedt?

Dat ongemakkelijke ‘Wat gaat hiermee gebeuren?’-gevoel heb ik ook als het over Operatie Propere Handen gaat, of was het nu Operatie Zero? De voorbije weken lekte weer een en ander uit over de bekentenissen van spijtoptant Dejan Veljkovic. Zo’n spijtoptant geeft me een dubbel gevoel: één, goed dat een directe betrokkene de speurders op weg zet om fraude aan te pakken, twéé, jammer dat hij er zelf met een minimumstraf van af zal komen. Misschien is het eerste nog net iets belangrijker dan het tweede, dus alla. Zullen de clubs en de individuele bestuurders juridisch en sportief gestraft worden, of blijft het alweer bij een smeuïge reeks verhalen in de pers, waarna het spreekwoord ‘Ze dronken nog een glas, ze deden nog een plas en alles bleef zoals het was’ opdoemt? Ik geloof in deze net iets meer in het gerecht dan in de voetbalinstanties zelf. Hoe kan je overigens de sociale en fiscale voordelen nog blijven verantwoorden in deze immorele wereld van het snelle geldgewin, gesteld dat die überhaupt ooit te verantwoorden vielen?

Mijn vrees: er zal wel weer ergens een wetje in elkaar worden geflanst om een fiscaal achterpoortje te sluiten, terwijl alle andere deuren gewoon blijven openstaan. Er zal wel ergens een kleine garnaal aan de schandpaal worden gebonden, ter genoegdoening van de op een lynchpartij beluste massa. Er zullen, zeker in het voetbal, zondebokken worden aangeduid, die allang niet meer in functie zijn.

Gisteren werden twee journalisten bekroond met de Nobelprijs voor de Vrede, omdat ze respectievelijk op de Filipijnen en in Rusland blijven opkomen voor de moeizaam verworven vrijheid van meningsuiting en de fragiele persvrijheid. Bravo en zo, maar fundamenteel verandert er weinig in dat soort landen. Toch moeten die journalisten en hun collega’s daar en elders dat vooral blijven doen. En zal een toeschouwer aan de zijlijn, zoals ik, blijven opmerken dat de gevolgen net iets meer mogen zijn. Véél meer, zelfs.

NIET CYNISCH WORDEN, VAN LAEKEN!



Het moet verkeren

Politiek, Samenleving Posted on za, augustus 28, 2021 11:22:18

Twee jonge kinderen begonnen aan deze week, zoals u, beste lezer, dat hebt gedaan. Misschien huppelend, zoals dat ene onverwacht vrolijke meisje uit Afghanistan op een Belgisch tarmac. Misschien boos, omdat ze hun zin niet hadden gekregen vorig weekend. Ongetwijfeld vol verwachtingen, omdat ze op weg waren naar wat in hun jonge ogen grote avonturen waren. Maar zeker niet met het idee dat ze er op dinsdagnamiddag niet meer zouden zijn.

Het is zinloos om uitgebreid terug te komen op reconstructies en verklaringen achteraf: u heeft die ongetwijfeld zelf gelezen en als dat niet het geval was, heeft u ze niet wíllen lezen. Een kruispunt dat een paar maanden, bij wijze van experiment, conflictvrij was, bleek nefast voor de doorstroming en dus kregen voetgangers en chauffeurs toch weer op hetzelfde moment het signaal dat ze mochten oversteken of doorrijden. Ook die twee kindjes en die ene vrachtwagenbestuurder. De schepen van Mobiliteit van de stad A riep eerst in dat de situatie was teruggedraaid op vraag van een nabijgelegen ziekenhuis, waarvan de woordvoerder onmiddellijk liet weten dat zij géén vragende partij waren geweest, waarop er een nietszeggende persconferentie volgde van de schepen. Er zal niets aan de verkeerssituatie veranderd worden, luidde het eindverdict. En neen, de schepen zal niet zijn verantwoordelijkheid nemen, mocht u ooit die illusie gekoesterd hebben.

Als er straks weer een dodelijk ongeval gebeurt op diezelfde plek, zal er dus gedanst worden op het graf van de twee kindjes die het nooit woensdag hebben zien worden. U zult mij dat cynisme wel even vergeven. Want het uitgangspunt dat de situatie niet kan veranderd worden vanwege de o zo noodzakelijke vlotte doorstroming van het verkeer, is nog veel cynischer. Het is een principe dat vertrekt van een letterlijk en figuurlijke dodelijke logica: het recht van de sterkste. In verkeerstermen is dat onveranderlijk diegene die zich verplaatst met het zwaarste vervoermiddel. De lobby van de luchtvaartmaatschappijen is bijzonder machtig, dat bleek al snel in volle coronacrisis. Gevlogen zou er worden. De lobby van de (internationale) transportsector is zeer machtig, alles voor u, consument, nietwaar. Gereden zal er worden, desnoods op het tweede rijvak als het hevig regent, de klant (ú!) kan niet wachten. Just in time! De lobby van de automobielsector is machtig, u weet toch ook dat time = money, er mag geen tijd verloren worden in de file, toch zeker niet aan een onnozel rood licht in de stad? Doorgereden zal er worden. De lobby van de fietsers is minder machtig, maar af en toe hoort u een vertegenwoordiger iets piepen, wanneer er dan toch eens een microfoon in de buurt is. Somtijds met ware doodsverachting zal er gereden worden. De lobby van de voetgangers is… Euh, bestaat die eigenlijk wel? En de lobby van de overstekende kindjes, die moet toch ook nog bedacht worden.

Zo moet u doorstroming zien. Er is altijd wel een machtigere partij, die meer in de pap te brokken heeft, tot je finaal uitkomt bij de vliegende sector. U zult dat ook wel opgemerkt hebben. Verkeersagressie kom je in alle geledingen tegen, maar de gevolgen ervan gaan wel degelijk top-down: een vliegtuig nemen is nog altijd veiliger dan op een doordeweekse zonnige dag rechtmatig een zebrapad oversteken. Verkeersgebruikers wordt een zelfverzekerdheid aangepraat die recht onevenredig is met verkeersveiligheid. Hoe steviger u omringd bent met metaal en glas, hoe veiliger u zichzelf voelt. Maar ook: hoe arroganter velen zich gaan gedragen en hoe onveiliger het wordt voor wie onbeschermd rondrijdt of -loopt.

U kunt er donder op zeggen dat áls er al een onafhankelijk rapport komt, de conclusie zal zijn dat het aan die meisjes zelf ligt, of aan hun moeder, die een eindje achter hen aan liep met nog een ander kindje. Hoe dúrfde ze? Zelfs al staat dat niet letterlijk zo in het rapport, het zal u wel zo worden ingelepeld door handige ‘vertalers’. En er zal ook worden benadrukt dat het een spijtig ongeval is, die sukkel van een chauffeur, zelf in shock, kon er ook niets aan doen (wat overigens zeer nauw bij de waarheid zou kunnen aanleunen, maar dit terzijde).

Wat ze u niet zullen vertellen, is dat verkeersveiligheid in dit land in de eerste plaats economisch wordt bekeken: er moet vlotte doorstroming zijn. De mens is ondergeschikt aan de economie. Nochtans zou veilig op openbare plekken kunnen rondlopen een mensenrecht moeten zijn. Een conditio sine qua non van het menselijke bestaan. Een zekerheidje, toch eentje in ons leven. Verkeer zou, in volgorde, zo veilig, zo comfortabel en zo snel mogelijk moeten kunnen verlopen. Met de nadruk op die ‘mogelijk’, maar ook op die volgorde. Veiligheid boven comfort boven snelheid. Vandaag wordt de perverse omgekeerde logica gehanteerd. Elke week wordt er wel ergens een slachtoffer van die logica begraven. Of twee.

”t Kan verkeren’, zei de Nederlandse dichter en toneelschrijver Gerbrand Adriaenszoon Bredero meer dan vijf eeuwen geleden. Zijn lijfspreuk mag wat onze verkeerssituatie betreft veranderd worden in: ‘Het móet verkeren!’ Om te voorkomen dat we nog kinder- en andere levens moeten betreuren. Dan zou de dood van de twee meisjes niet helemaal zinloos geweest zijn. Helaas lezen de lobbyisten van de automobielsector deze slogan ook, alleen interpreteren ze die anders: autoverkeer móet er zijn en het móet vooruitgaan. De Heilige Doorstroming, begrijpt u.



Verraad

Politiek Posted on za, mei 15, 2021 11:33:41

De reacties op het bedrog van Veerle Heeren, die zichzelf en haar dichte omgeving liet voorkruipen tijdens de vaccinatiecampagne, liepen uiteen van ‘Ach, zo erg is dat nu toch ook weer niet’ tot ‘Aan de schandpaal met dat wicht!’ Nuance, u moet er soms ver naar zoeken. Als het ene uiterste 0 is (het is niet zo erg) en het andere 10 (het is verschrikkelijk erg), neig ik toch eerder naar het laatste. Laten we zeggen, een zeven of een zeven en een half. De burgemeester van Sint-Truiden had geen tijdelijke maar een definitieve stap opzij moeten zetten na wat ze gedaan heeft.

Als je alles vergelijkt met een veel erger kwaad, kan je relativeren tot je een ons weegt. Natuurlijk heeft Heeren geen moord gepleegd. Ze is ook geen — overtreffende trap — seriemoordenares, of ze heeft geen miljarden verduisterd. En neen, vergeleken met het bedenken en uitvoeren van een genocide, was dit bijzonder klein bier. Maar als je alles gaat afmeten aan de Holocaust, kan zowat alles voortaan door de beugel. Je moet haar daden dus binnen de specifieke context bekijken.

Wat Veerle Heeren heeft gedaan, is zowat het ergste wat je in de politiek kunt doen. Ze heeft kiezersbedrog gepleegd. ‘Limburg, voorbeeld voor Vlaanderen’ stond er in mei 2019 onder haar foto te lezen op de CD&V-site voorbeeldvoorvlaanderen.be. Waarom ze aan politiek doet? Dit staat er: “Vanuit een christendemocratisch engagement zaken in beweging brengen, een steen verleggen, goed luisteren, keuzes durven maken en vooruitgaan voor de mensen om je heen, of het nu Vlaanderen, Limburg of Sint-Truiden is.” Wat deed ze in werkelijkheid: zaken voor zichzelf in beweging brengen, niet luisteren, kiezen voor haar persoonlijk kringetje. Egoïsme, opportunisme en nepotisme haalden het op ‘vooruitgaan voor de mensen om je heen’.

Verraad aan je kiezers en aan de basisprincipes van je partij is geen moord, wel een doodzonde. Dat verdient een rode kaart en een langdurige schorsing. Voorkruipen is sowieso al ergerlijk, je plaatst jezelf boven de anderen. Het mechanisme dat erachter zit, is hetzelfde als bij racisme en seksisme: jezelf en al diegenen die op je lijken, beter achten dan de anderen. Voorkruipen in deze tijden, waarin iedereen snakt naar meer bewegingsvrijheid en minder gevaar voor je eigen gezondheid en die van je dierbaren, is nog veel erger. Het getuigt van een verschrikkelijk dedain tegenover de mensen die je wordt geacht te leiden en aan wie je belooft hebt het beste van jezelf te geven voor hún, niet voor jezelf. ‘Vooruitgaan voor de mensen om je heen,’ ach wat. Als ‘het beste van jezelf’ is dat je je onderdanen achteruitsteekt, ben je niet waard om op die positie te zitten.

In de Truiense gemeenteraad werd Heerens gedrag door een oppositielid vergeleken met Francesco Schettino, de kapitein van de Costa Concordia die zijn schip na de ramp van 13 januari 2012 had verlaten op een moment dat er nog heel wat reddingsboten op en af voeren naar de kust. Een kapitein verlaat pas als laatste het zinkende schip, weet u wel. De man werd veroordeeld tot zestien jaar cel. Niet dat Veerle Heeren in de gevangenis hoort — of aan een virtuele schandpaal moet gebonden worden —, maar functioneren kan ze niet meer in de lokale of nationale politiek. Nooit meer. Zeker niet na de leugentjes die ze probeerde op te dissen toen haar vervroegde vaccinatie uitlekte. Ze had niet eens het inzicht om onmiddellijk toe te geven en zich te verontschuldigen. Probeer niet recht te praten wat krom is, het wordt er alleen maar krommer door. Wat ze deed — zowel de vroegtijdige vaccinatie, als de communicatie achteraf — was geen ‘inschattingsfout’, maar een bewuste actie om zichzelf boven de andere inwoners van Sint-Truiden te plaatsen. Gedrag dat je normaal linkt aan dictatoriale regimes. Heeren is geen dictator, vermoed ik toch, maar ze zou ook geen burgemeester meer mogen zijn. Noem me gerust naïef, een burgervader (of -moeder) moet het goede voorbeeld geven. Ze moet geen achterpoortjes gebruiken, ze moet ze juist sluiten.

Normaal zouden ze in Sint-Truiden toch best moeten weten hoe je met rotte appels omgaat. Ze moeten uit de mand. Punt. Zo niet dreigen ze een deel van de oogst om zeep te helpen. Dat doen de fruitboeren zichzelf nooit aan. Politici zijn echter geen zorgzame fruitboeren, die er alles aan doen om hun inkomsten te vrijwaren en al wat rot is te verwijderen. Politici laten uit eigenbelang nog liever de hele mand rotten dan de verziekende exemplaren te verwijderen. Politici liggen er alleen wanneer er polls worden gepubliceerd en op verkiezingsdag wakker van wat hun consumenten, de kiezers, denken, fruitboeren weten wel beter. Want volgende keer kiest een klant voor een andere soort appelen of een andere, in hun ogen betrouwbaardere, leverancier. Politici zouden wat meer gezond verstand moeten hebben, misschien moeten ze in Sint-Truiden in de leer bij bevriende fruitboeren. Met het ‘Heerenakkoord’ dat nu werd afgesloten, maak je de kloof tussen de burger en de politiek niet kleiner, integendeel. Je bevestigt gewoon dat het wantrouwen een reden heeft, maar dat de burger/kiezer je gestolen kan worden. Daarom vind ik dat je de daad van Veerle Heeren niet zomaar mag wegmoffelen als een ‘inschattingsfout’, en niet meer dan dat.



Eigen arm eerst

Politiek, Samenleving Posted on za, mei 01, 2021 12:00:37

Het is erg. Het is héél erg. Erger is het nooit geweest. We weten het, Het Virus hakt stevig in op onze gezondheid, fysiek en psychisch. Zelfs de luitjes die al eens een ‘Oké, boomer!’ naar hun hoofd geslingerd krijgen, hebben zoiets nog nooit meegemaakt in hun lange leven. Zelfbeklag is voor één keer toegestaan, mits niet te luid en niet constant, want dan wordt het vervelend. Er zit nog bijna elke avond een -oloog in een tv-studio, of de minister van Volksgezondheid, of een minister die alleen maar werd uitgenodigd om over de gevolgen van Het Virus te komen praten, of een motivatiecoach, of… Het houdt niet op, maar het kan niet anders.

Wat wel anders kan — anders móet zelfs — is het navelstaren. Ja, het is héél erg, maar niet alleen hier. En hier hebben we tenminste het vooruitzicht dat we allemaal gevaccineerd zullen geraken, als we dat tenminste willen, is het niet in juni dan toch tegen het eind van de zomer. Dat heet perspectief. Dat is: een horizon die dichterbij komt. Als we nu heel even onze ogen weg richten van de eigen navel, zouden we andere dingen kunnen zien. Zoals: elders is het nog véél erger dan bij ons. En: dat heeft ook een invloed op ons.

De Indiase ontwikkelingseconome Jayati Ghosh zei het deze week nog in De Standaard: ‘De pandemie kan niet overwonnen worden, zolang niet de hele wereld gevaccineerd is.’ Een eenvoudig gegeven dat maar niet wil doordringen. Niet bij de gewone bevolking, maar tot daaraan toe: wat niet weet, niet deert. Veel erger is het dat politieke leiders ook alleen maar bezig zijn met zichzelf, hun eigen toekomst, zeg maar: de volgende verkiezingen. Populisme als leidraad, navelstaren als eerste programmapunt.

Ghosh hekelt het westerse imperialisme, dat volgens haar ‘alive-and-kicking’ is. De lobby van de farmabedrijven weegt zwaarder door dan morele overwegingen en de volksgezondheid. De Pfizers van deze wereld hebben in recordtempo vaccins ontwikkeld, proficiat daarvoor, maar we vergeten dat ze daarvoor uitgebreid beroep konden doen op de research van universiteiten die door de overheden, door ons allemaal dus, gefinancierd worden. Het geld waarmee Pfizer & co experimenteren, komt van ons. Dus zijn die vaccins — hoe simpel kan het soms zijn — toch van ons, neen? En toch geven ze de patenten niet vrij, waardoor bijvoorbeeld Indiase bedrijven niet in staat zijn zelf vaccins te produceren. In het aandeelhouderskapitalisme telt een mensenleven niet, zelfs miljoenen mensenlevens niet. Winst is belangrijker dan het redden van levens. Cynischer wordt het niet. Die patenten zouden vrij moeten worden gegeven. Móeten! Daar hebben we allemaal baat bij, zo onderstreept Jayati Ghosh nog. ‘Want als de vaccins vrijgesteld worden van patentbescherming, wint iedereen. Ook in het Westen kan dan sneller worden gevaccineerd.’

De wereld staat in brand, maar in het Westen beslissen ze (we) om alleen in de eigen omgeving te blussen. De rest kan, letterlijk, stikken. ‘Eigen arm eerst’, noemde De Standaard-editorialist Bart Sturtewagen dat donderdag. Ik neem die bijzonder accurate omschrijving graag over, ook als kop boven dit stuk, omdat het perfect zegt waar het om draait: vaccinnationalisme. Eerst ónze mensen vaccineren en dan zien we wel. Eigenbelang, en toch ook weer niet, want het is net in ons eigen belang om zoveel mogelijk mensen in zoveel mogelijk landen in zo kort mogelijke tijd te vaccineren. Doen we dat niet, dan laten we miljoenen Afrikanen en Aziaten creperen. Ach, zal de cynicus opwerpen, ze moeten toch aan iets sterven. Maar de virusmutanten die ginds rondwaren, komen onvermijdelijk ook naar hier. Vijftig jaar geleden had de cynicus gelijk kunnen krijgen: de wereld was nog geen dorp, iedereen bleef op zijn eigen continent hangen, virussen hielden vooral lokaal lelijk huis. Vandaag reizen virussen vrolijk mee met hun dragers.

Wie de vaccinatiecampagne niet op gang helpt brengen in de zogeheten Derde Wereld, is niet alleen een egoïstische onmens, hij heeft de virale logica ook niet begrepen, want daar zit het eigenbelang: de virusverspreiding indammen. ‘Eigen arm eerst’ is even nefast en verwerpelijk als ‘Eigen volk eerst’. Het is kortzichtig, laf, onmenselijk, achterhaald, racistisch, paternalistisch, imperialistisch, en bedenk zelf nog maar wat adjectieven. En het tekent ook hoe wij, westerlingen, neerkijken op de havenots van deze wereld. En dan schrikken we straks als er weer een stroom vluchtelingen onze kant op komt. Deze week kapseisde weer een boot, het haalt niet eens onze headlines.

Hoe hoogstaand Pfizer, Moderna, AstraZeneca, Johnson & Johnson & co ook gewerkt hebben het voorbije jaar, het zijn geen helden. Business as usual is het niet, wat ze hebben gedaan, maar wel in de eerste plaats business. ‘As usual’ wordt daarbij zelden rekening gehouden met morele bedenkingen. Die moeten politici nu maar eens beginnen te maken, en ernaar handelen. En wij? ‘Ik denk dat een golf van politieke verontwaardiging de enige manier is om de zaken in beweging te krijgen,’ meent Jayati Ghosh. ‘Nu wordt de kwestie alleen aangekaart door ngo’s en hier en daar wat media. (…) Als er genoeg druk wordt uitgeoefend, zal snel genoeg duidelijk worden dat de huidige standpunten niet verdedigbaar zijn.’

Zolang de patenten niet worden vrijgegeven, krijgt Het Virus vrij spel. Eigen arm eerst is een zeer dom uitgangspunt. Als mensen al de coronamaatregelen moedwillig negeren om elkaar op te zoeken, zouden ze dit beter doen om massaal te protesteren tegen de kortzichtigheid van diegenen die ons naar betere tijden zouden moeten begeleiden, en niet om in een of ander bos de pseudoanarchist uit te hangen.



1 september

Memories & mijmeringen, Politiek Posted on za, april 17, 2021 11:36:14

Wat zegt ge? Ha, ja, dat ge ’t beu zijt. Ik ook, jong, ik ook. Maar ge moet daarom nog niet doen alsof dat ding hier ribbedebie is, hé. Ja, man, ik weet het, ge wilt meer dan één dierbare knuffelen, ik begrijp het. Wat zegt ge? Da’ ge dat nu al doet? Maar allee, dat vindt Het Virus juist tof, hé, dat gij u niet gedraagt zoals het hoort. Allee, jong, da’s toch niet slim, enfin. Ja, ik weet het, we mogen niet veel, maar wat we mogen, mogen we mogen hé. Wat zegt ge? Da ’t niet genoeg is? Kijk, man, als gij er uw botten aan veegt, dan beperkt ge mijn vrijheid ook, hé, ik die er mijn botten niet aan veeg. Dat ik eens moet kijken naar de parken en de kust? Ja, jong, veel te veel volk, hé. Het Dedecker-effect, zeker? Dedecker, awel, dienen burgemeester van Middelkerke, ge weet wel, groot bakkes, populist tot in de kist, de meneer die van de week in Terzakes zat en die eigenhandig de horéca zal steunen. Haha, de hoREca. Allee, goREca, zoals Dedecker het uitspreekt hé. Wat zegt ge? Ja, da’s de verkeerde klemtoon, hé jong. ’t Moet hóreca zijn. HOreca. Wist ge dat niet? Wat zegt gij dan? Horecá? Allee vooruit, horeCA. Moet kunnen hé. Vrijheid, blij… nee nee, zeker geen vrijheid blijheid. Weet ge wat het is, vriend. Als ik mij gedraag en gij maar half en nog een ander helemaal zijn goesting doet, dan blijven we dienen Van Ranst elke avond op tv zien hé. Het ligt aan ons, hé, niet aan hem. Alleen dankzij ons kan dat virus nog circuleren. Wat zegt ge? Dat ge ’t kotsbeu zijt. Ja, dat hebt g’ al eens gezegd. Ik ook, en ja, dat heb ik ook al eens gezegd. Zo zijn we terug waar we begonnen zijn, kameraad, terug naar af. Weet ge wat het is? De polletiekers beloven te veel dingen die ze niet kunnen waarmaken. Dingen waarvan ze niet weten of het wel zal lukken. Allee nu: terrassen open in de paasvakantie, 19 april, 1 mei, 8 mei, half mei, half juni, 11 juli, het Rijk der Vrijheid in de zomer, wie kan er nog volgen? Wat zegt ge? W’ hebben toch perspectief nodig? Perspectief, mijn gat. Niemand kende dat virus, weinig mensen kunnen het nu al inschatten, wat zijt ge dan met beloftes? Weet ge wat ik vind, jong: dat we moeten mikken op 1 september. Al de rest is gespin en gegok, en daar zijn we geen kloten mee. Zorgt dat iedereen twee keer gevaccineerd is tegen 31 augustus en dan kan het leven hervatten. Wat zegt ge? Dat da’ nog lang is? ’t Zal wel zijn. Maar wa’ wilt ge, da’ we de datum altijd maar blijven opschuiven om toch op dienen eerste september uit te komen. Hebt ge dat liever? Zijt gij zo’ne ‘Liever één vogel in de hand dan tien in de lucht’-kerel, die uiteindelijk met lege handen achterblijft. Want, dat ben ik nu eens zo beu als kouw’ pap, zie, altijd maar weer iets voorspiegelen dat niet haalbaar is. Dan haken de mensen pas af. Dan zeggen ze: och, ’t zal mijnen tijd wel duren en dan beginnen ze te doen alsof dat klotevirus verdwenen is. Dan doen ze alsof ze zich aan de regeltjes houden en in ’t geniep doen z’ hun goesting. Is dat de oplossing, misschien? Wat zegt ge?



Goede huisvader

Politiek, Samenleving Posted on za, april 10, 2021 11:29:20

De goede huisvader is niet meer. Of bijna toch. Hij is op sterven na dood. Hij (m/v/x), moet dat zijn. Het in hele oude juridische teksten opgenomen begrip ‘goede huisvader’ dateert nog uit de tijd dat moeder aan de haard bleef en vader, na een lange en uitermate vermoeiende werkdag, in de comfortabelste zetel van het huis de krant las, met de pantoffels op het salontafeltje. Alleen als het eten op tafel werd gezet, mocht hij gestoord worden. Andere tijden. Zeker geen betere tijden. Goed dat oude teksten afgestoft en opgeblonken worden. Ik vroeg me al diep in de jaren zeventig af waarom er niet zoiets kon bestaan als een ‘goede huismoeder’ en waarom vader altijd moest optreden als het echt belangrijk werd. (Terloops, berg ook dat ‘Vadertje Staat’ maar definitief op in het museum van versleten clichés en oubollige uitdrukkingen.)

Zou Charles Michel een goede huisvader zijn? Ik lees de boekskes in geen van beide landstalen, dus ik weet het niet. Deze week gedroeg hij zich alleszins eerder als een neanderthaler. U kent de positioneringen op de staatsiefoto stilaan uit het hoofd. Charles Michel, de Europese ‘president’, en Recep Tayyip Erdogan, de Turkse president, broederlijk naast elkaar zittend, en Ursula von der Leyen, voorzitter van de Europese Commissie, die rechtop staat en een beetje schutterig met haar handen beweegt. Voor haar was er geen plaats naast de heren, ze moest een paar meter verder in een soort divan plaatsnemen. Ik beeld me dan in dat ze moest roepen om gehoord te worden, terwijl de heren bleven fluisteren, om haar uit het gesprek te kunnen houden. Dat is dan mijn slecht karakter, ik beperk me gelukkig tot verbeelding. Maar dat beeld was wel reëel. Twee mannen bedisselden de zaken, mevrouw mocht toekijken vanop een afstand. Seksisme vanwege de Turkse gastheer? Zou kunnen, al spraken sommige waarnemers dat tegen. Het maakte niet zozeer uit dat Von der Leyen een vrouw is, zo betoogden ze, Erdogan wilde vooral duidelijk maken wie de baas was én hij wou de vertegenwoordigers van de in zijn ogen al te kritische Europese Unie uit elkaar spelen. Twee keer bingo. #sofagate was een feit.

We kunnen niet in het hoofd van Erdogan kijken — daar heb je die verbeelding weer: ik beeld me hierbij een holle ruimte in —, wel kunnen we het gedrag van Michel beoordelen. Onze ex-premier had vier kunnen dingen doen om het predicaat ‘goede huisvader’ te verdienen: een extra stoel opeisen voor Von der Leyen, zijn plaats afstaan aan Von der Leyen, naast Von der Leyen plaatsnemen in de divan, of verontwaardigd de ruimte verlaten. Hij deed geen van de vier, begon diplomatisch te keuvelen met de Turkse president. Michel degradeerde Von der Leyen zo tot bijzitter, ‘vrouw aan de haard’ werd ‘vrouw in de divan’. Von der Leyen bleef ook braafjes zitten. Onze Europatjepeeërs wilden geen diplomatiek incident veroorzaken. Hoe naïef. And zie vinner is… Erdogan!

Charles Michel, de man die zich in hogere wereldkringen aldoor bedient van een Allo’ Allo’-achtig Engels, heeft door zijn gedrag — en vooral: door niet te doen wat hij had moeten doen — de Europese Unie en zichzelf een halve eeuw terug in de tijd gekatapulteerd. De tijd van “Die wijven moeten zoveel complimenten niet maken” (een uitspraak van de sociaaldemocraat Louis Major uit 1971, nadat Volksunie-verkozene Nelly Maes had geëist dat ze de eed zou afleggen na het afroepen van haar meisjesnaam, niet die van haar man) leek ver weg en is toch zo nabij. Emancipatie is een broos gegeven: ze komt er pas na een lange, intense strijd met vele verbale oorlogen en ze verdwijnt met een vingerknip. De man die eind 2018 nog bezwoer dat hij er een regeringscrisis voor overhad om toch maar aan de juiste kant van de geschiedenis te kunnen staan, staat nu aan de verkeerde kant, hoe ironisch toch. Een pedagogische tik, mag dat nog in 2021?



De democratie weent

Politiek Posted on za, april 03, 2021 11:29:39

‘Ik heb niet gelogen, dat gesprek zat verkeerd in mijn herinnering.’ De Smoes van de Week kan de uittredende en — zo is de algemene verwachting — toekomstige Nederlandse minister-president Mark Rutte niet meer ontgaan. Rutte gleed uit over een verbale bananenschil die kritische parlementsleden hem voor de voeten hadden geworpen. Vlaamse politieke waarnemers lachten in hun vuistje en wezen terzelfder tijd op het feest van de democratie dat zopas in de Nederlandse Tweede Kamer had plaatsgevonden. ‘In vergelijking met de noorderburen hebben we toch te vaak een playmobilparlement,’ tweette Steven Samyn, hoofdredacteur Duiding op de VRT, vrijdagnacht in volle enthousiasme.

Nederland Gidsland, dat is al een poos geleden. Decennialang waren we een beetje jaloers op de welbespraaktheid van onze noorderburen, op hun cultuur van debatteren, op hun zakelijkheid en openheid. Terwijl Vlaanderen rechtser werd en Wallonië linkser, leek Nederland de stabiliteit zelve. Dat veranderde met de komst van Pim Fortuyn. Geen extreemrechtse patjepeeër, zeker niet, maar hij wist verdomd goed welke snaar hij moest betokkelen om populair te worden. Tegen ‘linkse’ geldverkwistingen, tegen het middenveld, tegen de islam. Populist tot in de kist. Daarna kwamen Wilders en Baudet, qua extreemrechtse impulsen is Nederland (17 miljoen inwoners) Vlaanderen (6 miljoen) intussen voorbijgestoken. Het Gidsland is niet meer, de Grote Versnippering zorgt ten noorden van ons voor de quasi onbestuurbaarheid van het land. Behalve dan als het gaat over parlementaire debatten, zo bleek dus deze week.

In onze parlementen, op álle niveaus, is een debat compleet zinloos geworden. Dovemansgetier. Coalitie tegen oppositie, wie er ook in de regering moge zitten en wie op de oppositiebanken. Niet de middenstand regeert het land, beste Luc De Vos, maar de partijhoofdkwartieren. Particratie heeft democratie opzij geduwd, brutaalweg, en dan nog onder het mom van goed bestuur. Alsof dit de ware democratie zou zijn, een handvol partijlieden die zeggen wat goed is voor hun leden, hun mandatarissen en, uiteindelijk, ons. Pretentieuzer wordt het niet.

Op 6 februari 1968 interpelleerde CVP-volksvertegenwoordiger Jan Verroken de regering-Vanden Boeynants, waartoe zijn eigen partij behoorde, over de kwestie-Leuven. Het was de tijd van ‘Leuven Vlaams!’, Verroken was uitgesproken Vlaamsgezind, hij wilde dat zijn partij en bij uitbreiding de regering zich engageerden om het Vlaamse karakter van de KU Leuven te verzekeren. Een dag later viel de regering. De top van de CVP vervloekte Verroken, de basis juichte, het democratisch gehalte van zijn tussenkomst was heel hoog. Soms kwam die ideologische standvastigheid nog eens terug in de vijftig jaar daarna, bijvoorbeeld toen er een wisselmeerderheid werd gevormd rond de abortuswet. Ook dat is democratie: een wet stemmen tegen de regerende meerderheid in, omdat je het principieel eens bent met de inhoud ervan. Het is alleszins democratischer dan tegen je eigen principes ingaan om de goede vrede in je eigen huishouden te bewaren. Het ene verdient lof, het andere is gewoon laf. De voorlopig (?) laatste die nog enigszins enige tekenen van dissidentie vertoonde, was Sihame El Kaouakibi, als Vlaams parlementslid voor Open VLD. Zij zal het echter niet meer doen, zo is deze week wel duidelijk geworden, uitgerangeerd in een sfeer van scandalitis.

Stemmen volgens je geweten mag niet meer. Stemmen vanuit de ideologische basis van je politieke partij of beweging is ondergeschikt aan strikte loyauteit aan het regeerakkoord, ook al druist dit in tegen al waar jij of je partij voor staan (en natuurlijk moet je compromissen sluiten in een vertegenwoordigingsdemocratie, maar ze mogen niet compromitteren). Stemmen op basis van principes is iets van vroeger: nu telt opportunisme, macht om de macht. Aan de ene kant roepen vooraanstaande politici ‘Het is maar een peiling’, als ze weer eens verrast worden door de voor hen negatieve resultaten van een publieke rondvraag; aan de andere kant stemmen ze hun doen en laten vervolgens wel af op wat ze denken dat het volk (tijdelijk) wil. Populisme en respect voor de democratie staan meestal haaks op elkaar, om nog maar te zwijgen over respect voor je eigen beginselverklaring.

Onze volksvertegenwoordigers zijn geen mannen en vrouwen van stavast, het zijn louter uitvoerders geworden, vazallen, stromannen (m/v/x). Het is boeiender naar de sprekende klok te luisteren dan naar een debat ergens in de vele parlementen van dit land. De uitkomst staat toch telkens al vast, het is puur tijdverlies. Uitvoerende macht (regeringen) en wetgevende macht (parlementen) zijn ondergeschikt aan particratische macht (partijhoofdkwartieren), mensen die, nota bene, niet verkozen zijn door het volk, alleen door de leden van die partij. Er valt veel negatiefs te zeggen over een éénpartijstelsel zoals in de Verenigde Staten, maar niet dat de stemmingen vooraf vastliggen. Joe Biden zal moeten vechten om een meerderheid te scharen achter zijn American Jobs Plan, ‘zijn’ meerderheid nochtans. In België zou dat een piece of cake zijn, de uitslag ligt op voorhand al vast.

Als we dan toch de democratie laten verkommeren en verkrachten, kunnen we net zo goed de volgende stap zetten: schaf de parlementen af, kies alleen nog partijen en laat de voorzitters en hun entourage beslissen. Zeer ondemocratisch, maar het zou wel een flinke besparing opleveren. Dan hoeft die wekelijkse poppenkast niet meer. Dus: Bart De Wever mag op 25 stemknopjes drukken in de Kamer van Volksvertegenwoordigers (dan zien ze hem ook eens in Brussel), Paul Magnette op 20, Tom Van Grieken 18, Georges-Louis Bouchez 14, enzovoort. Zend dit rechtstreeks uit op tv met deskundig sportcommentaar, dan hebben de mensen thuis er ook nog iets aan. Of maak er een Spel zonder grenzen van, tussen alle landen waar de particratie heerst. Om ter snelst op alle knopjes duwen, spektakel gegarandeerd. Je kan de vloer met bruine zeep insmeren, of de voorzitters op een slappe koord over een plas water laten balanceren, of om de drie knopjes een electroshock toedienen, of vanuit het plafond pek en veren laten vallen, om er wat extra schwung aan te geven. Alles voor het entertainment, alles voor de show, alles om te doen alsof er moeite moet gedaan worden. Maar de uitkomst ligt vast: ‘Belgium, two points with the joker’, of de meerderheid beslist tegen de minderheid. De honderden parlementsleden en hun medewerkers komen dan wel op straat te staan, maar die vinden hun weg wel in de advocatuur of zo. Tel uit je winst.

‘Ik heb niet verkeerd gestemd, mijn overtuiging zit ver weg in mijn herinnering,’ zou een zinnetje kunnen zijn dat onze volksvertegenwoordigers probleemloos kunnen opdissen, wanneer ze weer eens hondstrouw de richtlijnen van bovenaf blindelings opvolgen. De democratie weent.



Belofte, Schuld & Boete

Politiek, Samenleving Posted on za, maart 27, 2021 11:42:26

‘Wie gelooft die mensen nog?’ Herinnert u zich nog die min of meer gevleugelde woorden van CD&V-politicus Yves Leterme, minister-president van Vlaanderen, die zware kritiek had op het federale beleid, op dat ogenblik uitzonderlijk zonder christendemocraten in de regering, en die daarmee het pad effende voor een verkiezingsoverwinning die achteraf niet verzilverd werd?

Je zou die populistische en destijds als een boemerang teruggekeerde woorden van de ex-premier vandaag ook kunnen toepassen op de huidige beleidsmensen. Wie gelooft hen nog, na alle gedane en intussen verbroken beloften? Als we ons met Kerstmis zouden gedragen, zouden we snel van dat virus af geraken. Als de vaccinatie eenmaal op gang zou komen, zouden we snel van dat virus af geraken. Als de kappers terug opengingen, zou dat definitief zijn. Als we nog even zouden doorbijten, zou het ‘rijk der vrijheid’ in zicht komen. Als we ons nog even zouden gedragen, mogen op 1 mei de cafés en restaurants terug open. De scholen? Blijven open. De terrassen? Gaan open tijdens de paasvakantie. We weten intussen hoe het in werkelijkheid gegaan is. Als, als, als, als, als.

***

Het grootste nadeel van de huidige generatie politici is dat ze van peiling tot peiling leven, en van verkiezing tot verkiezing. Zelfs de verankering dat verkiezingen slechts om de vijf jaar zullen plaatsvinden, biedt niet de garantie dat leidinggevende politici handelen in functie van een langetermijnvisie en kan niet voorkomen dat ze gestuurd worden door de waan van de dag. Ideologie en visie zijn passé, het gaat alleen nog over vandaag, morgen en, in het beste geval, overmorgen. De permanente verkiezingskoorts en de angst voor afwijzing zorgen ervoor dat politici in slogans denken en de ene na de andere belofte op ons afvuren, zelfs als dat niet aangewezen is, zoals tijdens deze pandemie. Het is sterker dan henzelf. De nuchtere Frank Vandenbroucke wilde wedden dat de vaccinatiecampagne voorspoedig zou verlopen. Wouter Beke prentte ons in dat op 11 juli, niet toevallig de Vlaamse feestdag, ook de jongeren zullen gevaccineerd zijn. Premier De Croo beloofde vorig najaar met de hand op het hart dat er geen strenge lockdown meer zou komen.

Achter verkiezingsbeloften kan je je nog verschuilen: er moeten immers coalitiepartners worden gevonden, compromissen gesloten die niet al te compromitterend zijn, de tekst van het verkiezingsprogramma blijkt dan toch niet integraal in steen gebeiteld, maar daar kun je nog een draai aan geven. Het belang van het land, nietwaar. Beloften die los staan van de verkiezingsstrijd zijn veel riskanter. Gezichtsverlies dreigt, wanneer ze niet waargemaakt worden. Wie gelooft die mensen nog, als hun ‘als-en’ en ‘indiens’ nergens op blijken te slaan. In crisistijden moet je zoveel mogelijk volk achter de vlag van je maatregelen verzamelen, maar als je voortdurend de kleuren van je vlag aanpast, loopt er op den duur nog slechts een kleine minderheid mee, diegenen die blind gehoorzamen aan Het Gezag.

***

Belofte maakt schuld, zegt het spreekwoord, en bij schuld hoort boete. Dus moeten ministers in alle regeringen van dit land door het stof. Ze hebben van alles beloofd en er is tot nog toe weinig of niets van waargemaakt, dus heeft het sociale media-tribunaal — een zeer actief organisme — hen schuldig verklaard, en wacht hen een fikse boete. Voorlopig nog niet in de vorm van een verkiezingsnederlaag, ze hebben nog drie jaar om de negatieve teneur recht te trekken en tegen dan zal Het Virus alleen nog chronisch aanwezig zijn in de samenleving, niet meer zo acuut als nu. Maar hun geloofwaardigheid ligt wel aan diggelen. Geloofwaardigheid komt te voet en verdwijnt te paard, in galop nog wel.

Met metaforen en aangepaste spreekwoorden kom je er niet, in coronatijden. Met hoogdravende beloften die voorbarig of ronduit vals blijken te zijn, evenmin. Sommigen spreken over Het Virus alsof het een persoon is, een ettertje dat hier rondwaart en ons schaamteloos koeioneert. Dat maakt erover praten makkelijker, wellicht, maar tegelijk is het een iets te doorzichtige manier om van een onzichtbare vijand een zichtbare te maken. Terwijl wij, mensen, dat virus helpen ronddansen, als was het een molenwiekende derwisj. Het Virus verspreidt zich niet omdat het dat zelf wil, maar omdat wij het, door ons gedrag, een flinke hand helpen. ‘We’re a virus with shoes,’ zei stand-upcomedian Bill Hicks daar ooit over.

***

Van premiers, minister-presidenten en vakministers verwacht je kordaat leiderschap, met één oog op nu en één op de toekomst. In het stemhokje duiden we politici aan die onze toekomst vorm moeten geven, ons heden moeten verzekeren en, af en toe, het verleden helpen herschrijven in de vorm van het terugdraaien van domme maatregelen of kortzichtige wetten. De holle slogans nemen we erbij, maar ze zouden niet het dagelijkse leven mogen bepalen. In crisissituaties verwacht ik geen beloften, maar daadkracht, gesteund op ideologische overtuiging, visie en expertise. Ideologieën zijn echter in onbruik geraakt, dat konden we vorig weekend nog merken bij de lancering van Vooruit, een sociaaldemocratische politieke beweging (zucht!) waar iedereen welkom is. Marketinggezwets tot in het oneindige, ons gebracht door een leeghoofdige posterboy. Visie? Ach, als er al een is, wordt die snel onder de mat geveegd, uit vrees voor repercussies. Want elke doordachte toekomstvisie veronderstelt opofferingen en grondige bijsturingen van ons gedrag, geen prettige boodschap om te brengen. Voor expertise verwacht je dat beleidsmakers die ofwel zelf hebben opgebouwd, ofwel dat ze uitgebreid hun oor te luisteren leggen bij experten en écht rekening houden met hun adviezen, hoe streng en onpopulair die ook mogen zijn. Ook dat blijkt in deze coronacrisis na een tijdje problematisch te worden, want virologen, infectiologen, epidemiologen, microbiologen, vaccinologen en biostatistici gaan uit van puur wetenschappelijke feiten of veronderstellingen op basis van onderzoek, en dat slechte nieuws — wat het in deze pandemie meestal is — willen politici niet meer brengen, tot het, zoals deze week, niet meer anders kan.

***

Politici willen te veel perspectief bieden, te veel optimisme uitstralen, te veel benadrukken dat we morgen, of neem nu overmorgen, vrij zullen zijn, omdat ze vermoeden of hopen dat het hen een plekje zal doen stijgen in de volgende populariteitspoll. Van een kapitein op een schip in zwaar stormweer verwacht ik niet dat die zegt dat het allemaal wel goed komt, maar dat ie ons, samen met zijn crew, door de storm loodst. Deskundig, zonder franjes, bijsturend wanneer dat nodig blijkt. Koppigheid is een slechte eigenschap op de brug, overdreven flexibiliteit eveneens. En wat ik ook verwacht is dat er één kapitein aan boord is, geen tien. Want dan krijg je die intussen bekende kakofonie aan tegengestelde meninkjes die altijd volgen op een zogezegd eendrachtig besluit.

De opeenvolgende staatshervormingen hebben het schip België voor een deel stuurloos gemaakt, merken we in dit soort crisissituaties. ‘Too many cooks spoil the broth’, zegt een Engels spreekwoord. In de keuken kan er maar één chef zijn. Eenheid van commando viel in deze ongeziene en aartsmoeilijke omstandigheden aan te bevelen: vele landen worstelden daarmee, net als de Europese Unie. Maar bij ons is het een gevolg van de staatsstructuur, die cultuur van een beetje geven en een beetje nemen om iedereen te plezieren, maar waarmee je uiteindelijk vastloopt.

Beloven is een zwaktebod. Een leidinggevende kan niet goed doen voor iedereen, omdat mensen dat ‘goede’ nu eenmaal verschillend invullen. Probeer dat dan ook niet te doen. Dan beloof ik dat ik u weer ernstig zal nemen, beste politici.



Volgende »