(Deze bijdrage in de reeks ‘De Bankzitter’ verscheen
maandag 31 december in
De
Standaard.)

Dries Mertens scoorde
zaterdag voor Napoli en Radja Nainggolan mocht na een weekje schorsing weer
even invallen bij Inter, maar zij kaapten niet de headlines weg de voorbije
Serie A-week. Het ging vooral over een dode supporter en een racistisch
incident.

Onder zijn vorige trainer, Maurizio Sarri, was
Dries Mertens helemaal open gebloeid bij Napoli. Sarri maakte van Mertens een
valse nummer negen, iets wat de Italiaan nu ook probeert met Eden Hazard bij
Chelsea. Mertens scoorde en bleef scoren, werd twee seizoenen geleden vice-topschutter
van de Serie A, schoof bij de Rode Duivels een bank op, en zag zijn contract in
Napels verlengd worden tot 2020. Maar nieuwe coach Carlo Ancelotti ziet in de
Belg eerder een luxe-invaller dan een basisspeler. Zaterdag mocht hij wel
starten tegen Bologna. Hij bedankte met het winnende doelpunt in de 88ste
minuut, 3-2.

Radja Nainggolan mocht uit bij Empoli meer dan
een halfuur invallen. Het werd een magere 0-1, waardoor Inter derde blijft,
weliswaar met 14 punten minder dan Juventus en 5 minder dan Napoli. Nainggolan
moest van zijn trainer, Luciano Spalletti, die hem nog kent van bij Roma, een
match aan de kant blijven. Een disciplinaire schorsing, omdat hij een paar keer
te laat op training was verschenen.

‘De regels binnen een ploeg zijn even
belangrijk als de bal’, gaf Spalletti als verklaring. Maar hij zei ook: ‘Radja
is een gevoelige jongen’. Kortom, een straf gevolgd door een vaderlijke aai
over de bol. Bondscoach Roberto Martínez koos voor een andere aanpak, al blijft
die zweren bij zijn nogal doorzichtige ‘tactische redenen’.

Tweede
Kerstdag

Het had een mooie week moeten worden voor het
Italiaanse voetbal. Voor het eerst sinds 1971 werd er op Tweede Kerstdag
gevoetbald. Apotheose van een dagje voetbal had de topper Inter-Napoli moeten worden,
nummer drie tegen nummer twee.

Vóór de wedstrijd waren er al ongeregeldheden.
Met stokken en staven gewapende Interfans wachtten de supportersbussen van hun
zuidelijke rivaal op. Er ontstond commotie, de bende stoof uiteen en tijdens de
chaos werd een 35-jarige supporter van Inter aangereden. De man, die eerder
zelf al een stadionverbod had opgelegd gekregen, overleed in het ziekenhuis.
Volgens de politiecommissaris ging het om een spijtig ongeval.

Tijdens de wedstrijd hadden de tifosi van de
thuisploeg het gemunt op Kalidou Koulibaly, de centrale verdediger van Napoli,
ex-Genk. Tot drie keer toe werd de scheidsrechter attent gemaakt op
oerwoudgeluiden, hij liet de stadionomroeper telkens vragen om op te houden met
de kwetsende gezangen. Napoli-trainer Ancelotti vroeg vergeefs om de wedstrijd
te staken. In de tachtigste minuut werd Koulibaly zelfs uitgesloten: gele kaart
na een trekfout, een tweede keer geel voor het sarcastisch applaus dat hij
daarop gaf. En in de toegevoegde tijd kon Inter nog scoren.

Driestapsprotocol

Rampdag voor Napoli, maar vooral: rampdag voor
de Serie A en, bij uitbreiding, de hele voetbalwereld. Volgens de Uefa hebben
Inter en de scheidsrechter het voorziene driestapsprotocol niet toegepast. Stap
1: de wedstrijd even stilleggen en de stadionomroeper laten waarschuwen voor de
gevolgen van nieuwe beledigingen. Stap 2: de wedstrijd gedurende langere tijd
stilleggen. Stap 3: de wedstrijd beëindigen. Alleen de eerste stap werd, half,
toegepast.

De Italiaanse voetbalbond besliste om Inter
twee thuiswedstrijden achter gesloten deuren te laten spelen en bij een derde
thuismatch moet het gedeelte van het stadion waar de ultras zitten, dicht
blijven. Een krachtig signaal, maar diezelfde bond schorste ook slachtoffer
Koulibaly voor twee wedstrijden, begrijpe wie begrijpen kan.

De verdediger verontschuldigde zich achteraf
voor zijn uitsluiting, maar benadrukte via Twitter een trotse Fransman,
Senegalees, Napolitaan en mens te zijn. ‘Reageer niet op deze onzin, samen
staan we sterk!’, tweette Koulibaly’s ploegmaat Dries Mertens. Ook Vincent
Kompany, Michy Batshuayi en Cristiano Ronaldo spraken hun steun uit.

De christendemocratische burgemeester van
Milaan, Giuseppe Sala, kondigde aan bij een volgend racistisch incident de
eretribune van het Giuseppe Meazza-stadion te zullen verlaten. Precies het
omgekeerde van wat hij zou moeten doen: als de dégoutés opstappen, blijven alleen de dégoûtants over. Willen we het voetbal overlaten aan een stel
onverlaten?

Tribaal
gedrag

Racisme is niet nieuw in de Serie A. Ronny
Rosenthal, de Israëlische ex-speler van onder meer Club Brugge en Standard,
kreeg er eind jaren 80 al mee te maken, toen hij voor Udinese speelde. Eind
1992 protesteerden de Nederlanders Ruud Gullit (Milan) en Aron Winter (Lazio)
tegen de apenkreten op de tribunes. Daarop volgde toen een uitgebreide sensibiliseringscampagne,
‘No al razzismo’.

Op 27 november 2005 stapte de Ivoriaanse
speler Marco Zoro van Messina met de bal van het veld, na aanhoudende
beledigingen door de bezoekende supporters van… Inter. Twee zwarte spelers
van Inter deden hem van gedacht veranderen. Een week later begonnen alle Serie
A-wedstrijden vijf minuten later dan gepland.

Zelf meegemaakt: 13 juni 2016 volgde ik de
EK-wedstrijd Italië-België in een Britse pub in Padua. Toen een kwartier voor
tijd Romelu Lukaku close in beeld werd genomen bij zijn vervanging, joelde een
overvol terras als uit één mond: ‘Oe-oe-oe’. Idem toen zijn vervanger, Divock
Origi, in beeld kwam. Zo moet dat op hetzelfde moment op honderden, misschien
wel duizenden Italiaanse terrassen tegelijk geklonken hebben. De scène staat
uitvoerig beschreven in ‘Vuile zwarte. Racisme in het Belgisch voetbal’ dat ik
twee jaar geleden samen met Paul Beloy schreef. Tribaal gedrag is typisch voor
het voetbal. ‘Onze zwarte, goeie zwarte, hún zwarte, vuile neger!’

We stelden een elftal maatregelen voor. De
eerste twee daarvan: vraag als getroffen speler of elftal een time-out aan bij
wangedrag, en stap desnoods als team op, wanneer de scheidsrechter niet
adequaat reageert. Het gebeurt bijna nooit. Scheidsrechters lijken alleen
fysiek geweld ernstig te nemen. En het eerste elftal dat ostentatief van het
veld stapt, uit solidariteit met een medespeler, mag rekenen op boetes,
schorsingen en een forfaitnederlaag.

O ja, het winnende doelpunt van Inter in
Empoli werd aangetekend door de Senegalees Keita Baldé. Een jongen met een
donkere huidskleur. Hij werd fel toegejuicht.