Misschien dacht u wel dat het een makkelijke opdracht is om
twee uur lang een intens debat met zeven kopstukken van zeven verschillende
partijen rechtstaand te modereren. Wel, vergeet het. Topsport is het! Ik had
dinsdagavond rond elf uur het gevoel dat een topvoetballer moet hebben wanneer
hij aan de verlengingen van een belangrijke bekerfinale begint. Verzuurde
benen, het begin van krampen in mijn rechterkuit, een lichaam dat tekenen geeft
van: jongen, hou ermee op, drink iets, ga zitten.

U hoort mij verder niet klagen. Het was een eer, een
genoegen, een professioneel plezier om in zaal Intermezzo in het lieflijke Lede
Siegfried Bracke (N-VA), Bart Van Malderen (sp.a), Alexander De Croo (Open
VLD), Stefaan Van Hecke (Groen), Barbara Pas (Vlaams Belang), Tom De Meester
(PVDA+) en Pieter De Crem (CD&V) namens TV Oost een resem thema’s en vragen te mogen
voorschotelen. In die ongebruikelijke volgorde hadden we hen op het podium
gezet. Niet de traditionele setting van extreem-rechts tot extreem-links, met
de ‘traditionele partijen’ gezapig in het midden, niet de groten en
middelgroten links en de kleinere partijen rechts, niet regering versus
oppositie. Te voorspelbaar, dachten we.

Aan de lichaamstaal te zien, hadden we voor een goede
formule gekozen. Je zag een duidelijk verschil tussen het N-VA en het sp.a (PS?)-model,
de twee ‘extremisten’ waren ook geen natuurlijke lotgenoten, er blijft een verschil
tussen ecologie en economie, de letterlijke afstand tussen CD&V en N-VA
werd ook een figuurlijke. Zo ontstonden spanningsvelden die het, overigens
doorgaans hoffelijke, debat ten goede kwamen.

Pieter De Crem werd duidelijk af en toe opgeschrikt door een
vraag, maar haalde ook zwaar uit naar paars van weleer, toch ook wel de
coalitiegenoten van vandaag. Ik had de indruk dat de minister ondertussen ook
enkele prangende legerdossiers behandelde, want hij zat voortdurend in zijn
papieren te bladeren. Drukke tijden, met miliciens die nauwelijks nog kunnen
douchen.

Tom De Meester maakte er gretig en grondig voorbereid gebruik
van dat zijn partij voor een keer wél was uitgenodigd om een aantal zéér linkse
standpunten op tafel en in de zaal te gooien, wat wel eens leidde tot gezucht
en ongeloof. Zaten er zoveel rijken in de zaal die met angst de komst van de
miljonairstaks tegemoet keken?

Barbara Pas haalde natuurlijk het stokpaardje van de
migratie en het (falende) asielbeleid boven, maar ze deed dat niet door zich te
bedienen van ranzige oneliners à la ‘Het probleem is niet de vergrijzing, maar
de verbruining’, een verademing in Dewinterachtige donkere dagen. Een vraag van een Marokkaanse toeschouwer over
het VB-protest tegen toekennen van vergunningen voor het bouwen van moskeeën bleef echter
grotendeels onbeantwoord.

Stefaan Van Hecke positioneerde Groen als een partij die na
de verkiezingen met de meeste anderen wil onderhandelen. Anderzijds ging hij
stevig in discussie met Bart Van Malderen van sp.a, wat overigens leidde tot
wederzijds gehakketak. Links is verdeeld, ook al verschillen de onderlinge programmapunten
dan niet zodanig veel.

Alexander De Croo repliceerde vooral op N-VA-stellingen,
toonde zich een stevige tegenstander van de vooropgestelde indexsprong in 2015
en was heel loyaal ten aanzien van zijn regeringspartners. Opvallend. (Mocht u
ongerust worden: er werden geen stekkers uitgetrokken op het podium.)

En Siegfried Bracke herhaalde het De Wever-standpunt dat
werklozen met een goed cv makkelijk werk kunnen vinden en bleef bij zijn
kritiek op de vakbonden die hij al eerder die dag had geuit. De grootste profiteurs van het sociale zekerheidssysteem, meneer!

Het meeste kwamen we nog te weten via een eenvoudig trucje:
ja/neen-vragen. Niet dat ze allemaal en altijd kort met ‘Ja’- of
‘Neen’-antwoorden, maar het leverde toch enkele opmerkelijke dingen op. Zo
wilde De Crem niet direct weten van het scenario om in het N-VA-voorstel te
stappen om zo snel mogelijk na de verkiezingen een Vlaamse regering te vormen.
De Croo wil niet in een Vlaamse regering stappen als zijn partij beperkte
bevoegdheden of ministerposten zou krijgen. En op de vraag ‘Onafhankelijk
Vlaanderen’ antwoordde Bracke eerlijk ‘Ja’. Er volgde wel een ‘maar’, omdat het
pas op termijn haalbaar zou zijn, maar bij mijn weten is het de eerste
N-VA-kandidaat die tijdens deze campagne toegeeft dat dat fameuze artikel 1 van
de partijstatuten nog bestaat. Meer nog het werd zelfs gehandhaafd toen in
november vorig jaar de statuten werden aangepast, een moment waarop de
confederalistische bocht al gemaakt was. Misschien komt deze openbaring er wel omdat geen enkele andere journalist de voorbije weken de onafhankelijkheidskwestie voorlegde aan een N-VA-kopstuk?

Eerlijk gezegd vond ik het resultaat van die simpele
vragenronde een pak relevanter dan de diverse formatjes bij de grote zenders,
waar Vlaams-nationalistische politici vragen als ‘Stromae of Brel?’ krijgen
voorgeschoteld, terwijl ‘Vlaanderen of België?’ oneindig veel interessanter is. Of waar Paul ‘Hallo Televisie!’ Jambers nog altijd programma’s maakt die in de eerste plaats rond hem draaien. (“Op de Grote Markt van Antwerpen koestert Brabo zich in de prille lentezon”: ik proestte het uit.)

U kunt het resultaat donderdagavond om 20 uur bekijken op TV
Oost of later op de website van de zender: www.tvoost.be. (Mijn kuiten stellen
het intussen goed, mocht u dat interesseren).

***

De voorzitter van de grootste Vlaamse partij heeft zich in
zijn tweede tweet ooit met een videoboodschap gericht naar dat andere
landsgedeelte. (Zijn eerste tweet was een teaser voor wat komen ging.) ‘Message de Bart De Wever aux francophones’ staat er (zou er
iemand ‘kaakslag’ geroepen hebben omwille van het gebruik van de andere
landstaal?). Het leverde hem op een halve dag zesduizend extra volgers op (hij
zat zonder actief te zijn al aan ruim 18.000, tegen woensdagavond dus aan meer
dan 24.000), meer dan 500 retweets van volgelingen en her en der wat
hoongelach.

Minstens even vreemd als die nogal wanhopige poging om de
Walen te overhalen om niet op de PS te stemmen (en dus het terrein voor de N-VA
federaal te helpen effenen, want met een kleinere PS kan er wellicht met een
gegroeide MR onderhandeld worden), is de herhaalde oproep tot een debat met
Elio Di Rupo. Ook dat is begrijpelijk (De Wever wil zowel krachtig overkomen
bij de Vlaamse kiezer als het PS-boegbeeld demoniseren in Wallonië) en tegelijk
zeer onbegrijpelijk. Waarom zou de premier van een land moeten debatteren met de voorzitter
van een partij in één landsdeel? Het andere landsdeel, nog wel? Bekijk het even
anders en ‘bigger’: zal president Obama in oktober in debat gaan met een
republikeinse kandidaat bij de verkiezingen voor de House of Representatives of
de Senate? No. Way.

Nog vreemder is dat De Wever die oproep doet terwijl hij tot
een week of twee geleden pertinent weigerde om in Vlaanderen
voorzittersdebatten bij te wonen, terwijl dat zijn échte tegenstanders zijn.
Als De Wever tot twee keer toe stevig bakkeleide met Paul Magnette leverde dat
een knetterend, maar totaal zinloos spektakel op. Een Vlaming kan niet op
Magnette stemmen, een Waal niet op De Wever. Idem dito bij een eventuele
confrontatie Di Rupo-De Wever.

Ondanks de lieve woordjes en het verzoek om begrip van BDW, moeten ze in Wallonië intussen beseffen dat een
onafhankelijk Vlaanderen nog altijd het einddoel van de N-VA blijft. Tiens, zou de
Vlaamse kiezer dat eigenlijk al doorhebben?