Blog Image

Maandans

It's a marvelous night for a moondance!

Meningen over actuele gebeurtenissen. Of oude teksten "revisited". Startend vanuit een persoonlijke nood om gehoord/gelezen te worden. Een beetje pretentieus, misschien, in de hoop zo een discussie aan te zwengelen. Of toch op zijn minst tot nadenken te stemmen. Leuk tijdverdrijf mag ook, natuurlijk. O ja, de naam "Maandans" is de letterlijke vertaling van "Moondance", een management-boekingkantoor voor jonge Belgische rockbands dat ik eind jaren tachtig had, maar vooral: een heerlijk swingend nummer van een toen nog piepjonge Van Morrison, één van mijn favoriete artiesten. Kom ook eens langs op Twitter: @FrankVanLaeken of op mijn website: www.frankvanlaeken.eu

Sancta

Samenleving, Theater Posted on za, april 04, 2026 12:43:44

Het heeft de vertegenwoordigers van de Heer op aarde behaagd om zich fel uit te laten tegen Sancta, een opera- en dansvoorstelling van de Oostenrijkse choreografe en performancekunstenaar Florentina Holzinger, die van vandaag tot en met donderdag geprogrammeerd staat in de Opera van Vlaanderen in Antwerpen.

‘Schande!’ roepen de katholieke heren, want er wordt gelachen met hun geloof. In de voorstelling, aangekondigd als ‘een feministische hoogmis op rolschaatsen’, is heel veel vrouwelijk naakt te bewonderen. Tot daaraan toe, maar het gaat om naakte nonnen op rolschaatsen. ‘Schande!’ orakelt ook barones Doornaert, die vorige week nog op X fulmineerde tegen mijn blogpost met een top 10 van te mijden columnisten en opiniemakers, omdat ik haar zogezegd wil cancelen, maar die nu wel pro verbieden of toch op zijn minst pro aanklagen is. Begrijpe wie begrijpen kan.

Consequentie is in die kringen geen verheven goed.

Monseigneur Bonny hield het nog beschaafd: hij is tégen Sancta, maar wil niet dat er in en om de zaal geprotesteerd wordt door katholieke jongeren, zoals in sommige oproepen gesuggereerd wordt. La Doornaert wil wél zo’n protest zien, ze moedigt het zelfs aan. Ze wil, met andere woorden, dat een culturele voorstelling verstoord wordt. En liefst ook onderbroken en stopgezet, vermoed ik, waar dient zo’n protest anders toe?

Ik heb in het verleden al eens een voorstelling van Florentina Holzinger bijgewoond. Ik was er niet wild van. Provocatie om de provocatie, luidde mijn oordeel. Máár: het is absoluut kunst en het moet absoluut kunnen. Smaken mogen verschillen, maar het mag geen aanleiding zijn om censurerend in te grijpen, zolang er geen wetten worden overtreden. Een naakte non uitbeelden, is niet wettelijk verboden.

Op de website van Opera Ballet Vlaanderen staat overigens een keurige waarschuwing. ‘Deze voorstelling bevat naaktheid en toont expliciete seksuele handelingen, alsook representaties en beschrijving van (seksueel) geweld. Ook zijn (nep)bloed, het plaatsen van piercings en het toebrengen van wonden te zien. In de voorstelling worden stroboscopische effecten, geluidsversterking en wierook gebruikt.’

Meer moet dat niet zijn. De potentiële toeschouwer weet wat hij mag verwachten. Wie dit niet wil zien, koopt geen ticket, zo eenvoudig is het. En wie nietsvermoedend een ticket heeft gekocht, kan dit ongetwijfeld kwijt aan mensen die na de heisa van de voorbije dagen alsnog geïnteresseerd zijn om te gaan, want zo gaat dat natuurlijk: negatieve reclame is óók reclame. Sancta wordt opeens een must see voor cultuurliefhebbers.

De opgeklopte en fel overtrokken reacties doen denken aan wat er nog geen twee weken geleden gebeurde met een filmpje van StuBru-medewerkers die heiligenbeeldjes vernielden. Dat dateerde al van een tijdje geleden en zou zomaar gepasseerd zijn, mocht er zich geen Ierse opiniemaker hebben aangediend, die dit aanklaagde. Je kunt vinden dat deze actie getuigt van slechte smaak, maar elke week worden er in containerparken in Vlaanderen kapotgeslagen Jezussen en Maria’s in grote bakken gedumpt (tip: grof afval), zonder dat er een haan drie keer naar kraait. Opeens werd het een halszaak. Natuurlijk reageerden de StuBru-presentatoren onhandig en een beetje laf, toen ze op de vraag of ze dit ook zouden doen met islamitische beelden ‘Neen’ antwoordden. Het juiste antwoord was immers geweest: ‘Wat een domme vraag! Beelden of afbeeldingen van de profeet zijn verboden in de islam!’ Nu bemoeide zelfs de professionele bemoeial Theo Francken zich ermee, hij dreigde er nog net niet mee om het leger in te zetten. Terwijl hij, die ons land representeert op militair niveau, zelf niet eens scheen te weten dat er in de islam geen beelden zijn om te vernielen. Roepen om te roepen, het is een nationale sport geworden.

Het ligt ook allemaal zo hypergevoelig dezer dagen. Bij de minste kritiek op de eigen dominante godsdienst – in onze contreien nog altijd het katholicisme – wordt ‘En zij dan?’ geroepen, alsof alles moet uitmonden in een cultuuroorlogje. Zoals fundamentalistische moslims en Joden zelden precies weten waartegen ze reageren – hoeveel moslims zouden De duivelsverzen van Rushdie intussen uitgelezen hebben? –, doen katholieken dit ook. Ze reageren óm te reageren. De luidste verdedigers van de vrije meningsuiting eerst, wat dan ook weer duidelijk maakt dat ze alleen de in hun culturele omgeving dominante mening willen horen of lezen, niet die van andersdenkenden.

Wat het allemaal zo schrijnend, triest en misplaatst maakt, is dat de katholieke vertegenwoordigers hun megafoons niet gebruiken om hemeltergend onrecht aan te klagen. Je hoort hen niet (of heel omfloerst) over de genocide in Gaza, de onder valse voorwendselen gestarte oorlogen in Irak en Iran (de Amerikaanse paus riep na een maand eindelijk wel iets deze week), of de armoede in de wereld. Ze kijken weg van de ellende en staren enkel naar de eigen navel. Het narcisme van Trump en de navelstaarderij van religieuze leiders – álle religieuze leiders! – zijn twee kanten van dezelfde perverse medaille. In hun ogen is een voorstelling met vrouwelijk naakt dat wil choqueren erger dan oorlog, hongersnood en de vluchtelingenproblematiek bij elkaar opgeteld.

Opera Ballet Vlaanderen omschrijft Sancta als een ‘theatraal statement over spirituele en seksuele bevrijding, over vrouwelijke kracht en verbondenheid’. Zal ik eens iets controversieels schrijven? Het religieuze gedeelte van de samenleving houdt niet van vrouwelijke kracht en verbondenheid, misogynie is daar nog een alledaags gegeven. Vrouwen moeten tweederangswezens blijven. Seksuele bevrijding is al helemaal niet aan de orde. En spiritualiteit die niet tot de eigen religie behoort, moet als verdacht bestempeld worden.

Kunst moet braaf zijn en mag niemand storen, mag je concluderen na een rondje kwezelachtige opiniestukken.

Kunst moet je aan het nadenken zetten, mag provoceren, mag de grenzen van het toelaatbare aftasten, zeg ik.

Kunst die je niet op een of andere manier ráákt, is volstrekt overbodig.



Ad hominem (Weg met deze opiniemakers!)

Communicatie, Journalistiek, Memories & mijmeringen Posted on za, maart 28, 2026 12:47:07

Ik ga iets doen wat ik normaal nooit doe.

Ik ga iets doen wat ik bij anderen veracht.

Ik ga iets doen wat u mij misschien kwalijk zult nemen.

En toch ga ik het doen: ik ga hieronder een top 10 publiceren van columnisten/opiniemakers van wie ik vind dat die niet meer thuishoren in de media, niet omdat hun mening mij niet aanstaat, maar omdat hun mening reactionair of achterhaald of vals of een combinatie van de drie is. Zeker in media die zichzelf, wel of niet terecht, een kwaliteitslabel geven, horen de meningen van deze lieden niet langer thuis. Controverse mag, moét soms. Een mening die haaks staat op die van mij, laat maar komen. De randjes van het toelaatbare opzoeken, ach ja, moet af en toe kunnen. Maar voor deze dames en heren past maar één conclusie: weg ermee! Of ook: ander en beter! De volgorde is zoals in een echte top 10: van erg (10) tot héél erg (1).

Waarschuwing: in dit stuk speel ik man én bal (maar toch vooral in de eerste plaats de man – of: die ene, uitzonderlijke, vrouw). Ad hominem, als het ware. Gelieve me hiervoor te verontschuldigen. Of niet. Uw keuze.

***

Buiten categorie. De zotte Morgen

Nog niet zo lang geleden was het een plezier om deze dagelijkse pagina in De Morgen te consulteren: spitsvondig, alert, grappig. Niet in het minst dankzij de columns van Mark Coenen en Frederik De Backer, of de satirische nieuwsberichten van The Vremde Mirror. Met hun columns verdween ook de zin van deze pagina, die dezer dagen gevuld wordt met flauwe woordspelingen, lauwe cartoons, de lege bijdragen van Aurelie Zeebroek en, als toetje, de inspiratieloze poëzie van Yannick Dangre. De heimwee naar Stijn De Paepe wordt er alleen maar groter om.

***

10. Christophe Vekeman

Heeft al vele jaren een column in De Standaard Weekblad. De ene keer knikte je instemmend, de andere keer draaide je na twee nietszeggende alinea’s de pagina om. Vekeman kán schrijven, maar hij doet het niet altijd. Spitsvondig ruimt bij hem al te vaak plaats voor geneuzel en geleuter. Daar is sinds een jaar of zo nog een bezwarend element bij gekomen: de auteur heeft het Licht gezien. Hij is helemaal in den Here en dat zullen we geweten hebben. Als er ergens iemand iets doet dat de katholieke wereld schoffeert – denk aan het recente vernielen van heiligenbeeldjes –, klimt hij als eerste in de pen om dit te veroordelen, niet zozeer vanwege de banale onnozelheid van die daad, maar vanuit een verontwaardiging die gevoed wordt door Hogere Krachten. Een man met een missie. Ergerlijk.

***

9. Joris Van Cauter

Iedereen heeft recht op verdediging, zelfs de ergste misdadigers. Horion, Dutroux, Vangheluwe. Een advocaat die deze taak op zich neemt, dient gerespecteerd te worden. Máár: hij moet ook fatsoenlijk genoeg blijven om in te zien dat publieke standpunten over de wandaden van zijn cliënt ofwel terughoudend moeten zijn, ofwel beter uitblijven. Dat deed Van Cauter niet in zijn verdediging van het ontmenselijkende sujet Roger Vangheluwe. In zijn maandelijkse column in De Standaard blijkt telkens dat hij een zeer eenzijdige, conservatief-reactionaire mening heeft over onze rechtsstaat. Dat is zijn volste recht, maar moet ik dat lezen in een kwaliteitskrant? (En dan mogen we ons nog gelukkig prijzen dat zijn copain en collega Fernand Keuleneer geen columns schrijft. Diens kwalijke rol in het laten uitdoven van het onderzoek in Operatie Kelk kan niet genoeg onderstreept worden. Terwijl hij op Twitter/X weleens korte meninkjes poneerde waarmee je het goedkeurend knikkend eens kon zijn, is zijn maatschappelijke rol – óók in het euthanasieproces rond de dood van Tine Nys – op zijn minst ergerlijk, vaak zelfs onvergeeflijk. Gevaarlijke man, die Keuleneer.)

***

8. Mark Elchardus

Het vroegere sociologische geweten van de sociaaldemocratische partij schrijft lezenswaardige stukken die soms volstrekt nergens op slaan. Hij is tegenwoordig de favoriete antimigratie-auteur van het Vlaams-nationalisme. Bijna al zijn bijdragen gaan over (versta: tégen) migratie en zelfs als het onderwerp niet rechtstreeks met dat thema te maken heeft, geeft hij er een kniezwengel aan – niet zo elegant als Kate Ryan destijds – om toch bij zijn stokpaardje te belanden. Er zijn te veel migranten, aldus Elchardus. Er zijn te veel opiniemakers die zich voor de kar van de (extreem)rechtse retoriek laten spannen om zelf (extreem)rechtse deugpunten te scoren, aldus Van Laeken.

***

7. Joren Vermeersch

Ach ja, jurist-historicus en op een geel-zwarte maandag partijideoloog van de N-VA. Vandaag mag deze man de toespraken schrijven voor de minister van Defensie/Oorlog, de genaamde Theo Francken, bloembakkenzeikerd, Trumpliefhebber, brulboei die streeft naar ‘samen een meerderheid’. Er zijn voorwaar deugdelijker beroepen te vinden. Herstel: er zijn bijna uitsluitend deugdelijker beroepen te vinden. In zijn column in De Standaard bewijst Vermeersch tweewekelijks dat er een dunne scheidslijn is tussen historicus en hystericus. Hij behoort eerder tot die laatste beroepscategorie.

***

6. Wouter Duyck

Onderwijsspecialist, nou ja. Noem het een vooroordeel, maar ik vind iemand die op radio en televisie met een zwaar West-Vlaams accent toetert over een sector waar beschaafdheid op zijn plaats is, niet geloofwaardig. Vreemd genoeg sluiten zijn opinies daarbij aan. Hij inspireert vooral de N-VA. Helaas levert die partij de Vlaamse minister van Onderwijs. Zowat alle échte experten spreken hem tegen. (Terloops: in een tweet – ja, dit soort figuren blijven hangen op het rechtse medium van Musk – schreef hij dat Hitler een socialist was, want ja, nationaalsocialistisch. Moet déze man ons onderwijs kwalitatief verbeteren? Is hij zelf wel naar school geweest?)

***

5. Koen Meulenaere

Officieel met pensioen, maar af en toe wordt hij door De Tijd gevraagd om, bijvoorbeeld rond verkiezingen, zijn pen opnieuw in vitriool te doppen. Grappige vent, geschikte kerel, goeie voetbalcommentator: zijn satirische bijdragen, vroeger in Knack, later in De Tijd, lazen vlot weg en je kon erom lachen. Topsatire. Helaas, Meulenaere heeft ook jarenlang aan afrekeningsjournalistiek gedaan onder het mom van satire en zo reputaties kapot gemaakt (en blijven maken, want hij hield niet op wanneer iemand uitgeteld tegen het canvas lag, als een bokser die zijn tegenstander niet gewoon knock-out wil slaan, maar ook wil dat die nooit meer opstaat). Er zijn grenzen, Meulenaere verkende die niet alleen, hij overschreed ze meer dan eens. Onvergeeflijk.

***

4. Marnix Peeters

Ooit een gerespecteerd muziekrecensent en -interviewer voor Humo, daarna nog altijd gewaardeerd als reporter van Het Laatste Nieuws. Dan begon hij boeken te schrijven en columns voor Zeno, de zaterdagbijlage van De Morgen. In die hoedanigheid van columnist zag je hem, als vaste lezer, elke week een beetje meer verglijden naar de verzuurde, revanchistische, misogyne praatjesmaker die hij na zijn overstap naar Het Laatste Nieuws helemaal is geworden. Zuurder dan de columns van Peeters wordt het niet. Jammer, vergooid talent. En ook nog eens gevaarlijk, want hij heeft nu een groter bereik dan ooit tevoren.

***

2/3 (ex aequo). Rik Torfs & Mia Doornaert

Ze zitten zelden samen in hetzelfde panelgesprek – en gelukkig maar! – en toch lijken ze onafscheidelijk in hun reactionaire visie op de samenleving. Ik verdenk de openbare omroep ervan dat ze ergens in de catacomben aan de Reyerslaan 52 een luxueuze loge delen, van waaruit ze geregeld opgediept worden om hun mening te geven over respectievelijk de Kerk en Frankrijk (of internationale diplomatie). Het is wachten op het moment dat de verkeerde praatgast wordt opgediept, maar ach, ze achten zich deskundig in alle maatschappelijke domeinen, dus dat doen ze er wel even bij. Tot een paar jaar geleden gaf ik een gastcollege Interviewtechnieken aan de master-na-master opleiding Journalistiek aan de KU Leuven. Een van de eerste dingen die ik daar zei was: ‘Wees eens origineel in je gastenkeuze, het hoeft niet altijd Rik Torfs of Mia Doornaert te zijn’. Het eerste jaar dat ik dat poneerde, keken de studenten vreemd op. Het jaar daarop merkte ik dat opnieuw op en vroeg ik hen waarom dat zo was: bleek dat ze de twee niet eens kénden. Houden zo! (Het zegt ook veel over de voorspelbare conservatieve reflex van redacties, die altijd weer bij de ‘usual suspects’ uitkomen.) In de toekomst verdwijnen ze sowieso uit beeld, maar waarom worden ze nog steeds te pas en te onpas opgevoerd over onderwerpen die een beetje in hun vakgebied passen? In haar column in De Standaard bedient la Doornaert zich dan ook nog eens af en toe van fake news om haar standpunt kracht bij te zetten (quod non). Achterhaald, in het beste geval. Aanstootgevend, heel vaak. De bon mots van Torfs worden steeds rechtser, deze man schuift almaar verder op, intussen ver weg van het centrum waar hij ooit vertoefde. Mocht de aarde plat zijn – wat een aantal van zijn fanatieke volgers weleens zou kunnen geloven –, zou hij er allang afgedonderd zijn. Dit duo likt naar boven en trapt naar beneden. Van opiniemakers mag je het omgekeerde verwachten.

***

1. Maarten Boudry

Schande toch dat deze would-befilosoof vier jaar lang de Leerstoel Etienne Vermeersch mocht bezetten aan de Universiteit Gent. Vermeersch, een consequente vrijdenker. Boudry, een mannetje dat zich laat inkapselen in een bepaalde ideologische denkrichting om van daaruit te fulmineren tegen pakweg de ecologische beweging of al wie kritiek heeft op Israël. Heel eenzijdig allemaal. Van een filosoof verwacht je een helikoptervisie op de samenleving, geen tunnelvisie. Boudry zit in een tunnel waar geen licht schijnt op het einde: zijn tunnel heeft alleen maar een ingang, geen uitgang. Van alle niet-Israëliërs zal hij straks wellicht de laatste zijn die het woord genocide in de mond durft te nemen over wat de regering-Netanyahu nu al twee en een half jaar aanricht in Gaza, op de Westbank en sinds kort ook in Libanon. Wat zeg ik: hij zal dat zwaarbeladen woorden nóóit gebruiken, want liever dan zijn ongelijk toe te geven, blijft hij zich in bochten manoeuvreren. Een zionistische leerstoel past beter bij hem. Boudry slaagt erin om het onverdedigbare te blijven verdedigen door zich van een pseudo-intellectueel discours te bedienen, waardoor zijn meningen coherent lijken (voor wie niet beter weet). Natuurlijk verdedigde deze man recent nog de nakende aanstelling van een Amerikaanse wetenschapsfilosoof die zich beroept op de stelling dat er intelligentieverschillen zijn tussen de rassen (lees: het witte ras is superieur aan alle anderen), het was alsof hij het opnam voor een vriend, pseudowetenschappers onder elkaar. Ooit noemde hij zich links, maar ondertussen wordt hij geknuffeld en omarmd door extreemrechts. Boudry is het beste bewijs dat wie intellectueel begint af te glijden, zelden nog gered kan worden. Het neerstorten kan niet gestuit worden. Geef hem zijn eigen Speaker’s Corner, ergens in een doodlopende steeg zonder straatverlichting in Gent, waar hij urenlang kan fulmineren tegen de muren rondom hem. Veel onschuldiger dan hem geregeld een forum te geven in respectabele en gerespecteerde media.

***

Hé hé, dat lucht op!



Die andere oorlog

Geschiedenis, Politiek, Samenleving Posted on za, maart 21, 2026 11:27:10

De oorlog in het Midden-Oosten is slecht nieuws. In de eerste plaats voor wie in de getroffen gebieden woont. In de tweede plaats voor de bevolking van de omliggende landen, die in de zeer nabije toekomst dreigen meegesleurd te worden in een conflict waarvoor Benjamin Netanyahu een handlanger – zeg gerust: nuttige idioot – heeft gevonden in Donald Trump. In de derde plaats voor u en ik, die aan de pomp merken dat er ergens ver weg iets aan de gang is, iets wat we binnenkort extra zullen voelen wanneer de energiefactuur arriveert. En misschien escaleert het conflict nog en zitten we plots in wat sommigen al de Derde Wereldoorlog noemen.

Deze krankzinnige oorlog, die tegen elke vorm van internationaal recht indruist, hoe goed het ook zou zijn mocht het regime in Iran veranderen, is ook heel slecht nieuws voor de Oekraïners. De aandacht gaat weg van de oorlogsmisdaden die Poetin en trawanten daar blijven plegen. Op de voorpagina’s staat nu overal ter wereld Iran. Of Libanon. Het risico bestaat bovendien dat de Amerikaanse steun aan Oekraïne zal verwateren of helemaal wegvallen. De oranje narcist heeft sowieso een dubbelzinnige verhouding met Poetin: vriend, vijand, bondgenoot, gevaar, enzovoort, afhankelijk van de mood van de dag swingt hij een eind weg. Trump is perfect in staat om Zelensky en zijn volk helemaal te laten stikken, al zeker wanneer er nog meer gemor over zijn oorlogszucht zal opstijgen binnen de republikeinse partij, waar zijn allerlaatste aanhangers stilaan het licht dreigen uit te doen.

Ik las deze week enkele bijdragen van mensen die ik hoogacht en die het onverwachte en ondoordachte pleidooi van Bart De Wever steunden om te gaan onderhandelen met Poetin. Nadat zijn coalitiepartners hem terugfloten, corrigeerde De Wever dit tot ‘na de oorlog’. De columnisten vonden eveneens dat er moet gepraat worden met Rusland. Maar hoe? En door wie? Met of zonder Trump? (Zonder is inhoudelijk slimmer, maar je riskeert wel dat hij zich buitengesloten voelt en in een balorige bui de militaire steun opzegt.) Met of zonder Orbán? (De Hongaarse premier ligt dwars bij een financiële impuls van de Europese Unie; als hij op 13 april de verkiezingen verliest, komt er misschien een opening via zijn opvolger, maar dat is nog weken wachten en dus onzeker.) Met of zonder China? (Om een duurzame vrede te bewerkstelligen in het Midden-Oosten en Oekraïne, lijkt het aangewezen om de Chinese autoriteiten mee te betrekken in de toekomstplannen.)

Wat betekent dat überhaupt: praten met Poetin? Als ik de columns goed heb begrepen, komt het erop neer dat je vertrekt van de huidige situatie. Voldongen feiten, dus. Kan je zomaar gaan onderhandelen met iemand die vier jaar geleden eenzijdig een oorlog heeft ontketend en die ondertussen flinke delen van het buurland heeft ingepalmd? Wil dit zeggen dat je de toestand van vandaag bevriest en de Krim en een groot deel van de Donbas cadeau doet aan Poetin? Welk signaal geef je daarmee aan de Letten, Esten en Litouwers? Oké, die behoren wél tot de Europese Unie, in tegenstelling tot Oekraïne, maar hoe betrouwbaar is de EU als je de weifelende houding uit het recente verleden bekijkt? Het zal de Russische president nog meer sterken in zijn streven om de oude Sovjet-Unie in ere te herstellen. Wat nu in het Midden-Oosten gebeurt, is pure winst voor Poetin.

De situatie in Oekraïne klinkt uitzichtloos. Het Russische leger helemaal terugdringen tot de posities vóór 2014, de inname van de Krim, lijkt ondenkbaar, ook al is dat in theorie de enige aanvaardbare oplossing (niet alleen voor de Oekraïners). Als je Poetin deels zijn zin geeft – wél de bezette gebieden, niet Oekraïne als geheel – open je de poort voor andere oorlogszuchtige potentaten. Val je buurland binnen en als er internationaal weinig of niet tegen gereageerd wordt, krijg je de facto gelijk. Is dat de wereld die we voor de toekomst willen? Alle macht aan de roekelozen en de durvers, weg met internationale verdragen en strafrecht? Het is nochtans wat Poetin én Trump op dit ogenblik doen, zonder dat er al te veel correcties op uitgevoerd worden. Al bij al klinkt het verzet zeer hol.

Ik vind het simplistisch om Poetin gedeeltelijk zijn zin te geven, maar ik weet ook niet hoe het dan in de praktijk wél verder moet. Uitzichtloos, ik schreef het al in de vorige paragraaf. En toch moet er een vredesverdrag afgedwongen worden, waarbij niet alleen de arm van Zelensky wordt omgewrongen. U kent het spreekwoord ‘Geef ze een vinger en ze pakken een arm’. Dat is wat we nu in Iran en Oekraïne zien gebeuren. Netanyahu en Poetin moeten worden teruggefloten, maar waar is de scheidsrechter?



Nazionisme

Geschiedenis, Politiek, Samenleving Posted on za, maart 14, 2026 15:24:25

Als er zoiets bestaat als de hel, zit daar nu een klein ventje met een snorretje in zijn vuist te lachen. ‘Zie je wel dat die Joden voor geen haar deugen,’ buldert hij in een ruimte waar zijn politieke medestanders elke dag komen luisteren naar zijn ellenlange, van haat doordrongen toespraken. ‘En het strafste is dat ze mijn methodes met terugwerkende kracht hebben goedgekeurd, want ze doen het nu zelf, donnerwetter!’

Natuurlijk vergist de van racisme en algemene mensenhaat doordrongen Adolf H. zich. Bunkerdenken doet niemand goed, dat is wel duidelijk. Het zijn niet de Joden die niet deugen, wel een deel van de expansionistische zionisten, de nazaten van de oprichters van de Israëlische staat, die zich het verheven volk voelen en zich het recht toe-eigenen om andere volkeren als minderwaardig te beschouwen. Palestijnen, in de eerste plaats. In die zin klopt de vergelijking wel: de Führer beschouwde de Joden als een inferieur ras, de zionisten doen hetzelfde met Palestijnen. En Iraniërs. En Libanezen. En vroeger ook nog Egyptenaren, Jordaniërs en Syriërs.

Adolf H. zag blonde Ariërs als het uitverkoren volk, dat alle andere volkeren aan zich ondergeschikt wil houden. Benjamin N. ziet de kinderen van het zionisme als uitverkoren. En net als de Oostenrijker handelt hij daar ook naar.

Adolf H. zocht Lebensraum, Benjamin N. doet hetzelfde.

Adolf H. had er een genocide voor over om een in zijn ogen inferieur ras definitief uit te schakelen, Benjamin N. ook.

Adolf H. zocht tijdelijke bondgenoten om zijn doelen te bereiken, Benjamin N. eveneens.

Akkoord, er zijn geen zes miljoen slachtoffers gevallen in uitroeiingskampen, tegen de macht van dat getal kan niets of niemand op. Maar de methodes lijken verdacht veel op elkaar.

Benjamin N. bokst, net als zijn voorgangers als Israëlisch premier, al jaren ver boven zijn gewicht, maar dat kan hij zich permitteren omdat er grotere bullebakken zijn die zijn sterkere tegenstanders te lijf gaan. Zo is het nietige Israël, met zijn niet eens tien miljoen inwoners en zijn beperkte oppervlakte, uitgegroeid van een David tot een Goliath-in-dwergkostuum in het Midden-Oosten. Als Benjamin N. de narcistische Amerikaanse president in het oor fluistert dat Iran een gevaar vormt voor het voortbestaan van zijn land, dan is het die oranje bullebak die te hulp snelt. Als Benjamin N. buurland Libanon binnenvalt en daar dood en vernieling zaait, zogezegd onder het mom dat de sjiitische Hezbollah een kortetermijnbedreiging vormt voor zijn land, dan kijken alle bondgenoten de andere kant op. Internationaal recht? Ammehoela!

De Verenigde Staten zijn dokter Frankenstein, Benjamin N. is het oncontroleerbare monster.

Sta me toe de term ‘nazionisme’ te gebruiken voor deze expansionistische attitude – een term die ik overigens niet zelf bedacht heb.

In plaats van Benjamin N. door een geheim commando te laten ontvoeren en hem voor het Internationaal Strafhof van Den Haag te berechten, doet het Westen niets. Nul. Nada. Schuldig verzuim in de overtreffende trap.

Integendeel, bondgenoten van de nazionisten roeren zich en willen mee ten strijde trekken. In België is er een minister van Oorlog die eist dat Saudi-Arabië, dat onze hulp heeft gevraagd, effectief geholpen wordt, nota bene een schurkenstaat die politieke opposanten liquideert, vrouwen onderdrukt en jarenlang het internationale terrorisme heeft gesponsord: wat is het verschil met Iran dat wél als vijandelijke natie wordt bestempeld? Ach ja, Theo F., een man die zelfs in nuchtere omstandigheden niet in staat is om een sluitende redenering te formuleren en die nuchterheid is vaak ver zoek, wie neemt die man ernstig? Gevreesd mag worden: de federale regering, als men weldra wil vermijden dat er een regeringscrisis van komt.

Voor wie vindt dat ik me schuldig maak aan een reductio ad Hitlerum: kijk naar de gelijkenissen, de methodes, de systematiek, en vergeet even de schaalgrootte van de misdaden. Misschien is de Endlösung die Benjamin N. voor ogen heeft minder op uitroeiing gericht, maar het eindresultaat is ook: het verdrijven van een hele bevolkingsgroep.

Voor wie vindt dat ik me schuldig maak aan antisemitisme: leer lezen en nuanceren. Ik richt me niet tegen het Joodse volk, wel tegen de gewelddadige overheid in Israël. Eigenlijk zouden Joden de eersten moeten zijn om te protesteren tegen wat er (ook in hun naam) gebeurt in ‘het land van de Joden’: wie als Joodse medeburger ook maar een greintje historisch inzicht heeft, zou op de barricades moeten staan tegen Benjamin N. en zijn fundamentalistische schurkenbende.

Hoog tijd dat de ‘redelijken’ een vuist maken tegen het nazionisme en zijn handlangers. Anders sleuren ze ons straks mee in een uitzichtloos conflict.



Iran

Geschiedenis, Politiek, Samenleving Posted on za, maart 07, 2026 12:57:13

Donderdag 15 februari 1979, iets na negenen ’s morgens. Professor Kruithof stapt goedgemutst het leslokaal binnen van het aftandse schoolgebouw van het RITCS aan de Naamsestraat in Brussel, in wat voorheen de bank van Congo was geweest. Hij glimlacht. In plaats van zijn cursus Kulturologie – dan nog met een ‘progressieve’ K vooraan – open te klappen, die ik als dubbelaar van het eerste jaar voor de tweede keer moet doornemen, al is dat niet meteen tegen mijn zin, begint hij met een betoog over de machtsovername in Iran.

Vier dagen eerder heeft ayatollah Ruhollah Khomeini de scepter overgenomen van de gevluchte sjah, Reza Pahlavi. Kruithof vindt dit buitengewoon goed nieuws, dus vinden wij, argeloze studenten, dat ook goed nieuws. We zijn jong, we weten tot welke verwoestingen de Vietnamoorlog geleid heeft en we worden, net als de prof, die nog geen vijftig is op dat moment, gevoed door rabiaat anti-amerikanisme. Daarbij hoort een kritische houding tegenover de corrupte en door de Verenigde Staten gesteunde sjah. Als de sjah weg is, zal alles beter worden, luidt de teneur.

Ik heb het er later nooit nog met Jaap Kruithof over gehad, of zijn initiële juichkreten niet te voorbarig waren, als je al heel snel zag dat het nieuwe regime nóg intoleranter was en op vele vlakken, behalve dan misschien het financieel-economische, nóg corrupter dan dat van de verderfelijke sjah. Onder de sjah genoten de Iraniërs schijnvrijheid. Vrouwen liepen er kortgerokt en op hoge hakken door de straten van Teheran en andere steden, de foto’s passeren tegenwoordig weer vaak op sociale media, om op een vals-nostalgische toon te illustreren wat er allemaal kon en mocht toen. Vergeten wordt dan dat de sjah niet alleen corrupt was en aan zelfverrijking en nepotisme deed, maar ook via zijn genadeloze geheime dienst Savak politieke tegenstanders opspoorde, opsloot, martelde en, niet zelden, de dood injoeg. Onder Khomeini werd de onvrijheid totaal – vrouwen werden tweederangsburgers en moesten religieus verantwoorde kleding dragen –, waardoor de schijn werd gewekt dat hij véél erger was dan de sjah. Erger, ja, dat zeker, maar véél erger?

Ben je vrij als je mag dragen wat je wil, maar niet mag zeggen of denken wat je wil?

Khomeini en na hem Khamenei waren meedogenloze hardliners, die voor hun religieuze terreur konden rekenen op vazallen die zich in ruil voor volstrekte onderdanigheid president mochten noemen en die, als ze al eens een eigengereide koers wilden varen, zonder pardon opzij werden gezet. Iran werd een van de meest onverdraagzame landen ter wereld, er is nochtans keuze te over wat dat betreft. Er valt veel te zeggen over de achterhaalde en sowieso al door eigenbelang aangestuurde kolonialistische visie van het brede Westen – van de Verenigde Staten tot West-Europa –, maar de antiwesterse theocratie die Khomeini invoerde en Khamenei voortzette kan op geen enkele manier goedgepraat worden, dat zou professor Kruithof ook wel toegeven mocht hij nog leven, vermoed ik.

We moeten dus vooral geen traan laten om de minutieus geplande uitschakeling van Khamenei. Good riddance! Maar we moeten evenmin zijn dood toejuichen alsof het de beste oplossing voor de Iraniërs is. En, heel eerlijk, als morgen Trump of Netanyahu door een precisiebombardement wordt getroffen, zal ik evenmin een traan laten. Dat zou ook ‘Good riddance!’ zijn. Het gaat hier niet om het uitschakelen van het grootste kwaad, want de narcistische despoot Trump en de genocidaire Netanyahu zijn geen haar beter dan Khamenei (of Khomeini).

En de vraag die zich nu stelt is niet: wie wint deze oorlog? Wordt het overigens wel een full-blown oorlog, op een veel grotere schaal dan de huidige strook in het Midden-Oosten? Neen, de vraag is: wat wint de Iraanse burger hierbij? Wordt die er beter van? Het erge aan de militaire actie die precies een week geleden is begonnen, is dat die vraag niet eens gesteld wordt. Het gaat om het treffen van het Iraanse regime. What’s next? Is daar al over nagedacht? Mijn beredeneerde gok: neen.

Trump heeft zich laten meeslepen in het verhaal van Netanyahu, die na zijn slachtpartij onder de Palestijnen, nu ook erfvijand Iran wil treffen en Hezbollah uitschakelen in Libanon. Dat kan hij niet alleen, daarvoor heeft hij de steun nodig van die onvoorwaardelijke bondgenoot van over de oceaan. En Trump kan nu eventjes de aandacht afleiden van de ‘Epstein-files’, die hem in nauwe schoentjes dreigen te brengen. Herinner u dat Ronald Reagan in de oorlog tussen Iran en Irak, van 1980 tot 1988, de aandacht rond een schandaal over de verkoop van wapens aan Iran en het gebruik van de opbrengst daarvan om de (extreemrechtse) Contra’s in Nicaragua te sponsoren (‘Contragate’ of ‘Iran-Contra-affaire’, zoek het maar op) afleidde door het onooglijke Grenada binnen te vallen. Oorlog op de voorpagina’s is nog altijd beter dan een politiek schandaal waarbij je zelf het middelpunt bent.

Netanyahu weet wat hij wil: het regime in Teheran destabiliseren, Hamas en Hezbollah monddood maken, met zijn kernwapenarsenaal de regio afschrikken. Kortom, de boeman spelen. Klein land, groot wapenarsenaal. Trump weet niet wat hij wil: hij beslist elke dag iets anders. En dat is niet eens typisch Trump: het is typisch Amerikaans. De Amerikanen weten niet wat ze willen en hebben dat ook nooit geweten.

Tijdens de reeds genoemde oorlog tussen Iran en Irak steunden ze eerst Iran, naar het einde toe Irak, waardoor Saddam Hoessein zich gesterkt voelde om Koeweit in te palmen, wat dan weer een brug te ver was voor de op olie beluste Amerikanen. Het gevolg was de Eerste Golfoorlog, en later de Tweede Golfoorlog, waarna Hoessein werd gearresteerd en opgehangen, en Irak aan zijn lot overgelaten. Ex-bondgenoot.

Tijdens de Sovjetinvasie van Afghanistan, tussen 1979 en 1989, begonnen de Verenigde Staten het religieus getinte verzet te steunen, onder het motto de vijanden van mijn vijanden zijn mijn vrienden. Een van die verzetsleiders was ene Osama bin Laden, die tweede helft jaren negentig niet langer ‘Dankuwel’ zei en aanslagen begon te plegen op Amerikaanse gebouwen en burgers. Ex-bondgenoot.

Amerikanen kennen niets van geopolitiek. Het interesseert hen ook niet. Er zijn maar twee redenen om te interveniëren voor hen: financieel-economisch eigenbelang en imperialistische machtshonger. ADHD-politiek is het, gericht op nú, niet op morgen en al zeker niet op de middellange termijn. Dat was zo in Vietnam, in Irak, in Afghanistan, en nu in Iran. They don’t care. Een narcist is voor de wapenindustrie ginds een ideale president. Hij doet en zegt dan wel, zelfs in hun ogen, geregeld vreemde dingen, op het einde van de rit is hij een nuttige marionet. Die zichzelf op de borst klopt over zijn dadendrang. Tel uit je winst, denken de wapenfabrikanten.

Als het de Amerikanen, en andere landen, écht te doen zou zijn geweest om de belangen van het Iraanse volk, dan zouden ze de ondergrondse bewegingen in Iran al jaren geleden uitgebreid gesteund hebben, financieel en militair, in de vorm van harde cash en al even harde wapens.

Een revolutie kan niet van buitenaf opgelegd worden, die moet van binnenuit starten.

Een revolutie begint niet met bommen die vijandige machten droppen, die moet intern worden uitgedokterd (met eventueel wat logistieke hulp van buitenaf).

Een revolutie is iets dat op een organische wijze moet ontstaan in het land zelf en door (een deel van) het volk, niet door onwetende buitenstaanders.

Om Gil Scott-Heron nog eens te citeren: the revolution will not be televised. De huidige beeldenstorm van ontploffingen en rookpluimen her en der zijn louter entertainment voor de nieuwskijkers in de wereld. Belangrijker is wat we níet zien. Staan er binnen Iran krachten klaar om het regime over te nemen? De zoon van de sjah, zo wordt gespeculeerd, maar kan je dat wel maken en is dit geen nieuwe start voor het nepotisme van weleer? Hoe vul je het herstel van de democratie in? Kun je dat wel invullen en verkijken we ons niet op onze westerse interpretatie van wat een democratie behoort te zijn?

Met ADHD-politiek los je het fundamentele probleem van de anti-fundamentalisten in Iran niet op. Zij verdienen beter dan dit waanzinnige spektakel, die hen geen spetter vrijheid garandeert, hooguit het kortstondige juichen na de dood van een despoot. Een van de komende dagen vindt Trump het genoeg geweest en worden de Iraniërs – die zijn interventie in eigen land en elders nu misschien nog luidkeels toejuichen – alweer aan hun lot overgelaten, zoals dat al decennialang gebeurt. Kunnen ze het vervolgens zelf uitzoeken en uitvechten in (mogelijk) een burgeroorlog. Ook dat zou typisch Amerikaans zijn. Après nous le déluge (maar dan in het Amerikaans-Engels).

Ondertussen telt Netanyahu zijn winst uit. Wanneer wordt die man voor het Internationaal Gerechtshof gebracht? En zullen we ‘vredestichter’ en zelfverklaarde Nobelprijs voor de Vrede-kandidaat Trump dan ook meteen op het bankje naast hem zetten?



“You’re missing”

Memories & mijmeringen Posted on di, maart 03, 2026 13:15:16

Mijn lief lief,

alleen nog maar het gedacht dat ik jou een briefje zou sturen, terwijl je hier niet meer bent, zou je doen glimlachen. Jij was de spirituele, de hooggevoelige, de sensuele, ik de olifant in de porseleinwinkel, rationeel op het saaie af. Toch zet ik nu even dat rationele masker af, stuur ik de journalist met een smoesje het huis uit, laat ik alle remmingen vallen.

Ik geloof niet in een hiernamaals.

Ik geloof niet dat jij nu ergens ver weg van hier bent, in een ander universum, in een ander leven misschien.

Ik geloof niet dat er leven is na de dood.

Ik geloof niet.

Ik geloofde wel in ons en ik doe dat nog altijd. Je zal altijd in mijn hart blijven, en in mijn gedachten. Nu, precies een jaar na het definitieve aardse afscheid, blijf ik in mijn hoofd nog te veel hangen bij dat vreselijke laatste jaar en zie ik voortdurend die laatste beelden van je. Ik hoor je laatste verzuchtingen, je laatste woorden, je laatste ademstoten, terwijl ik hunker naar de prettige herinneringen van ons samenzijn, die zeer ruim in de meerderheid waren. Ik zal geduld moeten hebben, vrees ik.

‘Koester de mooie herinneringen’, schreef ik altijd als iemand een geliefde was kwijtgespeeld en daarover iets schreef op Facebook. Nu weet ik: het duurt een tijdje voor je aan dat koesteren toekomt. En ik hoef je niet te vertellen dat ik extreem ongeduldig ben…

Gelukkig is er die grabbelton vol heerlijke momenten.

***

Niet alleen zou je glimlachen omdat ik je aanschrijf, je zou dat nog meer doen als je ziet wat ik het voorbije jaar allemaal al gedaan en geregeld heb, ik, de asociale, de man die het initiatief uit handen gaf als het op de inrichting en afwerking van ons huis aankwam – eigenlijk moet ik zeggen: jóuw huis, want jij hebt het ontworpen, de architect was nodig om de steunmuren op de juiste plaats te zetten, maar dit was jóuw verwezenlijking en het blijft prachtig. Al is het huis zo leeg zonder jou. Ik wil het nu helemaal afwerken, zoals jij dat voor ogen had.

Er is eindelijk deftige verlichting, geloof je dat? Gedaan met in het halfduister te kokkerellen. Net nadat ik mijn voorkeuren qua spots en lampen had doorgestuurd, stuitte ik op een oude e-mail van je, waarin je zelf al had opgelijst wat je wilde, en raad eens: we hebben dezelfde smaak. Oprit, carport, tuinhuis: die komen nog. Je zal het me wel vergeven dat het tuinhuis, dat jouw womancave moest worden, toch iets van ons beiden wordt.

***

Ik mis je.

Zoals Springsteen zo prachtig zong in You’re missing, op de cd The rising: ‘Everything is everything / But you’re missing’.

Het leven gaat zijn gangetje, maar jij bent er niet meer. The Boss voelde dat zo goed aan.

‘Your house is waiting / For you to walk in’.

Of: ‘You’re missing when I shut out the lights / You’re missing, when I close my eyes / You’re missing, when I see the sun rise / You’re missing’.

Je bent nog zeer aanwezig in dit huis en toch ben je er niet. Bevreemdend.

***

Sinds 3 maart 2025, 14.15u, struikel ik door het leven. Rouwen om jou werd al snel on hold gezet, omdat mijn moeder in het ziekenhuis en uiteindelijk in een woonzorgcentrum belandde, waar ze zich nooit heeft thuis gevoeld, wat tot haar voortijdige dood heeft geleid, al is – op twee dagen na – vierennegentig natuurlijk een mooie leeftijd. Mooier dan zesenzestig in elk geval. Mijn rouwproces is eigenlijk pas op 30 november, de dag na de afscheidsplechtigheid voor mijn ma, begonnen.

We hadden nog zoveel plannen.

Weet je nog dat we hadden uitgestippeld waar we tussen ons vijfenzestigste en vijfenzeventigste overal naartoe wilden gaan, ‘nu het nog kán’? Wel, het kan niet meer. De lijst is er nog, maar ik zal hem alleen moeten afwerken. Of niet.

Ik ben al twee keer naar de Fondation Louis Vuitton in Parijs geweest, sinds we er samen naar de Rothko-tentoonstelling gingen in januari 2024. Telkens rolden de tranen over mijn wangen. Niet van de schoonheid van de werken van David Hockney en Gerhard Richter, al was die er ontegensprekelijk in overvloed, maar omdat jij die schoonheid niet meer samen met mij kon beleven. Je zou ervan genoten hebben. Intens. Dat je dat werd afgepakt, is van een wreedheid die niet met woorden te beschrijven valt.

Naar de Fondation Beyeler, óns museum in Riehen, durf ik voorlopig niet naartoe te gaan, al loopt daar nu een razend interessante expositie over Cézanne. Gezocht: reisgezel die niet wegloopt als er een traan wordt weggepinkt. Misschien moet ik maar zelf alweer een baken verzetten, want ik besefte al heel snel: alles wat ik doe, is een eerste keer zonder jou.

***

Ik heb me voorgenomen om vol in het leven te staan. Dat is de theorie. De praktijk ligt minder voor de hand. Maar ik weet dat jij niet zou gewild hebben dat ik thuis zou zitten treuren, 24/7. Dus ga ik naar concerten, dweil ik weer bioscopen af, wandel ik letterlijk op onbekende terreinen, ga ik eten met en bij vrienden. Want, weet je, de kwaliteit van onze vriendenkring is groot. Immens. Échte vrienden zijn het, waar ik welkom ben, waar we bewonderend over jou kunnen mijmeren, waar de herinnering aan die fijne vrouw die Nicole De Coster heette, levendig wordt gehouden.

Mensen bellen of mailen me, of sturen privé-berichtjes op Facebook, om te vragen hoe het me is en om te zeggen dat ze jou óók missen. Of ze komen spontaan langs. Jouw vriend(inn)en en familie die er onvoorwaardelijk waren toen je hen nodig had., als ik toch eens het huis uit moest, voor opzoekwerk voor mijn nieuwe boek of een lezing of zo. Of gewoon, om even bij te praten en je moreel te ondersteunen.

Over dat nieuwe boek gesproken: het ís er. De jaren 80. Van wanhoop naar hoop. De ondertitel slaat op de situatie in de wereld van toen, maar zou net zo goed op mijn eigen toestand kunnen slaan. Wanhoop, kort na je dood. Hoop, vandaag. Het heeft geen zin om te kniezen om wat en wie er niet meer is. Daar heeft niemand wat aan, jij niet, ik niet, mijn omgeving niet.

***

Ik kijk naar je foto’s en denk: wat een eer, wat een genoegen, wat een weelde om meer dan de helft van mijn leven met deze prachtige vrouw te hebben mogen doorbrengen. Dat pakken ze me niet meer af.

‘We’ll always have Paris,’ zegt Humphrey Bogart tegen Ingrid Bergman in Casablanca. Wij hebben véél meer dan Parijs. En dat kan niemand ons afpakken.

Ik zie je graag!

***

PS 1: ik heb intussen geleerd dat je een kasjmieren T-shirt niet bij de gewone was mag steken. Na twee beurten heb ik nog een kindershirtje over.

PS 2: de druivenoogst was groter dan ooit tevoren. Alleen jammer dat de Aziatische hoornaars de lekkernijen ontdekt hebben voor ik kon beginnen te plukken.

PS 3: ik heb een handvol mensen kunnen blij maken met de opbrengst van de kweeperenboom. Want ja, wie maakt daar nog confituur van hier in huis?



Vertrouwen

Communicatie, Journalistiek, Samenleving Posted on za, februari 28, 2026 12:39:16

Flashback naar april vorig jaar: verontwaardiging alom wanneer een gynaecologiestudent schuldig wordt bevonden aan verkrachting van een collega-studente maar opschorting van straf krijgt. In de media sijpelen de woorden ‘voorbeeldige student’, ‘geëngageerd’ en ‘gunstige persoonlijkheid’ door, die olie op het vuur gooien. A zo, als je een ‘gunstige persoonlijkheid’ hebt – wat dat verder ook moge betekenen –, moet je niet de cel in voor verkrachting? Dagenlang wordt er geprotesteerd, vooral door jonge vrouwen die zich in de plaats van hun verkrachte generatiegenote stellen en de wereldvreemdheid van de rechter hekelen.

Wie deed dat overigens niet de voorbije jaren, klagen over rechters die niet met hun twee voeten in de samenleving staan?

Eerlijk, ik heb daar toen niets over gezegd of geschreven, omdat ik nog in volle rouw zat na het overlijden van mijn echtgenote. Anders zou de kans groot geweest zijn dat ook ik een blogpost had gewijd aan deze zaak. Of enkele rake opmerkingen op sociale media had geplaatst. En hoewel ik het nieuws van buiten mijn vier muren toen slechts mondjesmaat tot mij nam, had ik bijna zeker dat vonnis aangeklaagd. Voor mij hoorde die student thuis in de cel, zoals alle veroordeelde verkrachters.

Deze week kwam de zaak in beroep voor, omdat het openbaar ministerie zich had verzet tegen de oorspronkelijke uitspraak. De strafmaat werd bevestigd: schuldig met opschorting van straf. De student, die inmiddels andere studies heeft aangevat, blijft op vrije voeten. Maar nu kwamen er wel meer details vrij over wat er precies gebeurd is die nacht in november 2023. U kunt die wel teruglezen in uw krant of op het internet. Kort gezegd: de studente was stomdronken, de student bood aan haar naar het kot van haar vriendin te begeleiden en daar kwam het tot seks, terwijl de studente zich daar ’s anderendaags niets meer van herinnerde. Ze had dus geen expliciete of impliciete toestemming gegeven, kon dat ook niet meer geven gezien haar laveloze toestand. En dus heeft hij haar juridisch gezien verkracht.

Ik begrijp nu veel beter waarom de student, met zijn blanco strafblad en zijn onbesproken gedrag, wél schuldig werd bevonden, maar níet naar de gevangenis moest. Zijn handelen was zonder meer fout – vandaar de veroordeling –, alleen moet je de samenleving niet voor hem behoeden. Hij is geen serieverkrachter, geen seksueel roofdier, geen individu dat in de duisternis staat te wachten om een vrouw die alleen over straat wandelt, mee te sleuren in de bosjes.

En ik begrijp nu ook hoezeer we op het verkeerde been gezet zijn vorig jaar. Door de media, die alleen de pikante details hebben uitgelicht. Door de demonstranten, die alleen maar sloganeske taal hanteerden. Door de rechter, die een duidelijker keuze had moeten maken: ofwel het vonnis onmiddellijk publiceren en meegeven aan de aanwezige journalisten, ofwel niets naar buiten laten komen. Dat laatste is vrij naïef in deze tijden van instant-verslaggeving, dus had hij de dader moeten afschermen van de op lynchen beluste massa. Nu werd de dader zelf ook slachtoffer.

Spreken is zilver, zwijgen is goud, zegt het spreekwoord.

Ik háát dat gezegde, omdat het er alleen maar op uit is om mensen te doen zwijgen. Spreken zullen we, verdorie! Máár: alvorens we spreken, moeten we wel iets langer nadenken over wat we precies zullen zeggen. Nadenken. Alles op een rij zetten. Nuanceren. En dan, op basis van correcte informatie, een mening uiten. Vrijheid van meningsuiting is uitermate belangrijk, maar we mogen er geen vrijheid van onmiddellijke en ongenuanceerde meningsuiting van maken. Enfin, dat mag óók, want strikt genomen valt het onder dezelfde grondwettelijke bescherming, maar het zou zoveel slimmer zijn om even te wachten.

Er mag wat meer vertrouwen zijn in de rechterlijke macht. Die rechterlijke macht mag wat meer vertrouwen hebben in de samenleving en zou wat vaker open moeten communiceren. En de samenleving moet wat geduldiger zijn. Oordelen en veroordelen is zó makkelijk. Beoordelen, op basis van reflectie en onderzoek, is veel moeilijker. Nochtans is dat laatste maatschappelijk veel zinvoller. Al was het maar omdat het virtuele lynchpartijen voorkomt.

Spreken is zilver, te snel spreken is niet eens eremetaal waard.



Verzet

Muziek, Samenleving Posted on za, februari 21, 2026 11:55:08

De groten roeren de trom.

Op Aswoensdag pakte U2 onaangekondigd uit met een ep, Days of Ash, zes songs die vertrekken vanuit verontwaardiging, boosheid en ongerustheid over de toestand in de wereld. Een politieke boodschap van Bono, The Edge, Adam Clayton en Larry Mullen is niet nieuw, maar het is wel al een tijdje geleden. Days of Ash is niet het beste werk van het Ierse viertal, maar elk nummer getuigt wel van hoogdringendheid. Deze mini-plaat moést gemaakt worden, deze boodschap drong zich op. En het is zonder meer knap dat multimiljonairs, die hun dagen zouden kunnen slijten met louter persoonlijk amusement, far from the madding crowd, het de moeite vinden om hun bezorgdheid en woede te uiten.

Precies drie weken voordien had Bruce Springsteen al gereageerd op de door de misdadige Amerikaanse overheid geïnstrueerde jacht op illegale migranten in Minneapolis, waarin net een tweede protesterende burger was gedood door een schietlustige ICE-agent. Streets of Minneapolis was rauw, scherp, alert, en toch vintage The Boss. Nu kondigen Bruce Springsteen and the E Street Band ook een korte Amerikaanse tournee aan, Land of Hope and Dreams, die – hoe kan het anders? – zal beginnen in Minneapolis. Het Witte Huis reageerde al door Springsteen een loser te noemen, de standaardreactie van Trump en de zijnen op al wie hen niet goedgezind is in de culturele wereld: allemaal losers. Wie alle andersdenkenden een loser noemt, zou best zelf weleens een loser kunnen zijn, zeker op menselijk vlak.

U2 en Bruce Springsteen: veel hoger kun je niet mikken vandaag. Twee topacts die al decennialang een ruime schare fans hebben én bereiken, en daar zitten ongetwijfeld ook lieden tussen die Sunday, bloody Sunday vooral een lekker dansbaar nummer vinden zonder naar de boodschap te luisteren, of die in de waan blijven dat Born in the USA een ode aan de Verenigde Staten is. Met andere woorden: deze artiesten nemen een risico. Veel makkelijker ware geweest niets te zeggen of te doen. De centen van de royalty’s rollen elke dag vanzelf binnen.

Hulde!

In het land van President Sinaasappel is de situatie natuurlijk alarmerend en pregnant. Wie nu niet reageert, zal misschien nooit nog de kans krijgen om te reageren. It’s now or never! Het einde van de democratie lijkt nabij, fascistoïde praktijken zouden weleens sneller dan verwacht – omdat mensen hebben afgeleerd het ergste te denken – kunnen omgezet worden in fascisme tout court. The times they are a-changin’ en ze veranderen veel sneller dan in 1964, toen Bob Dylan dit gelijknamige nummer schreef. Waar blijft de Nobelprijswinnaar Literatuur trouwens in deze turbulente tijden? Het volk ziet af en heeft stemmen nodig die het voor hen opnemen. Hoe meer, hoe liever. Hoe luider, hoe beter. Subtiel hoeft nu even niet, het is belangrijker dat er een muzikale vuist wordt gemaakt, dan dat de recensenten het een geweldige song vinden.

En wij dan?

Wij worden niet geleid door een despoot, dat klopt.

Wij zien nog geen tot de tanden toe gewapende agenten van een speciale eenheid de straten ontruimen en mensen uit huizen sleuren, dat is zo.

Wij profiteren zelfs een beetje van onze surrealistische politieke spelletjes die delen van dit land en soms het land zelf onbestuurbaar maken, waarna we er ons vrolijk om maken, dat is een feit.

Máár: een democratie heeft zelden de eeuwigheid, is kwetsbaar, moet onderhouden en beschermd worden. Het kan snel gaan. Denk aan Hongarije en andere landen waarvoor we niet naar de andere kant van de grote oceaan moeten kijken. Despoten kloppen ook aan onze deur. In onze federale regering en de entourage ervan lopen figuren rond die dwepen met autoritaire tendensen, ja, ik heb het over jullie, Francken, Van Bossuyt en Bouchez. Om nog maar te zwijgen over de invloed die Vlaams Belang al meer dan twintig jaar heeft op onze besluitvorming inzake migratie.

Deze week was er nog dat relletje met de Amerikaanse ambassadeur, die België ervan beschuldigde antisemitisch te zijn, omdat rechters binnenkort moeten oordelen over de besnijdenis van joodse jongetjes. Veel gekker wordt het niet: een tijdelijk geïmporteerde clowneske diplomaat die zich allesbehalve diplomatisch bemoeit met de lokale politiek en rechtspraak. Trump en zijn zendelingen verfoeien de rechtsstaat, we kunnen die maar beter afschermen van roeptoeters en cryptofascisten.

De verwarring die zo eventjes ontstaat, is alleen maar koren op de molen van extreemrechts, dat maar wat graag onze eigen versie van ICE op straat wil zien. En daarom zou het goed zijn dat onze eigen topartiesten hun verontwaardiging, boosheid en ongerustheid uitroepen. Waar is de ‘¡No pasáran!’-attitude van oktober 2006, toen artiesten een dam wilden opwerpen tegen de groei van extreemrechts? Er stonden gemeenteraadsverkiezingen op het programma en twee jaar voordien was Vlaams Blok na een veroordeling wegens racisme verveld tot Vlaams Belang en haalde het een kwart van de stemmen in Vlaanderen. Wie niet (extreem)rechts was, schoot wakker. Wel, twee jaar geleden was Vlaams Belang in drie van de vijf Vlaamse provincies de grootste partij en flirtte het overal met de 25 procent-grens. Is er nu dan geen hoogdringendheid? Iedereen ingedommeld? Waar blijven de Cous-cous kreten, de L’étranger c’est mon ami, de Fascist cops?

Het verzet, dat van onderuit al gestaag groeit, heeft dringend nood aan grote namen. Kom terug uit pensioen, Raymond. Laat de nostalgische en zeer lucratieve tournees rond oude platen even achterwege, Tom. Er is meer dan KAA Gent in het leven, Frederik. Wannes Van de Velde, Arno en Luc De Vos zijn er niet meer, enkele anderen helaas ook niet, Willem Vermandere en Will Tura zijn gestopt, maar er is toch een nieuwe lichting? Maak je maatschappelijk nuttig, Pommelien. Zeg eens iets, Metejoor. Laat nog eens zien waarom je dat VUB-eredoctoraat verdient, Paul/Stromae.

Leg de bezwaren dat het je carrière zal schaden even opzij, beste artiesten, plus est en vous! Zing nu je nog mag zingen, roep nu je nog kan roepen, spring op een podium nu er nog podia zijn.



Volgende »